zaterdag 10 december 2022

Sommige mensen zien iets, maar anderen niet. Hoe kan dat?

 

Laatst aangepast: 12/12/2022 om 1.17 uur

 

In mijn vorige blogpost (De discriminatie-politie ziet een discriminerende oude dame) ging het om een verondersteld discriminerende hofdame en een zwarte mevrouw die zich gediscrimineerd voelde. De journalisten van Nu.nl zagen hierin discriminatie, die ik niet zag. Ze dachten kennelijk dat wat je voelt er ook beslist in werkelijkheid moet zijn. Een idee dat empirische wetenschappers en ik, niet delen.

Wat de zaak nog vreemder maakte, was dat de lezers van het artikel op Nu.nl die reageerden, die discriminatie in overgrote meerderheid ook niet zagen. Het waren in dit geval dus echt de journalisten die de kluts wat kwijt leken te zijn.

De journalisten van Nu.nl bleken in hun geloof niet alleen te staan. Wie op de site van de BBC gaat zoeken op dit voorval, ziet een stortvloed van artikelen met dezelfde strekking: de zwarte mevrouw is gediscrimineerd, dat is een schande en de lezers moeten dat vooral heel goed begrijpen.

Het is alsof de lezers alleen volledig overtuigd kunnen worden, door er een eindeloze hoeveelheid artikelen over te schrijven, waarin het veronderstelde als feit wordt aangenomen en voorgesteld. Ik geef de link naar vier van die artikelen: https://www.bbc.com/news/uk-63865890,  https://www.bbc.com/news/uk-63850466,  https://www.bbc.com/news/uk-63810468, https://www.bbc.com/news/uk-63819482.

Wat mij in die artikelen opvalt, is dat 'charity boss' Ngozi Fulani niet alleen voortdurend de hoofdrol lijkt te spelen en de slachtofferrol, maar dat ze kennelijk ook vaak de belangrijkste bron voor het artikel vormde. Het is alsof ze zo weet te communiceren, dat journalisten onmiddellijk voelen dat zij de absolute waarheid vertegenwoordigt.

Iets dat mij helaas nooit lukt. Ook al klamp ik me nog zo zeer aan de harde feiten vast, journalisten hebben bij mij iets in de trant van: ha, ha, het zal wel. Je denkt toch niet dat wij dat geloven! Mevrouw Fulani heeft kennelijk iets, dat ik volledig mis.

En kennelijk sta ik op dit punt niet alleen. Ook tussen de redactie van Nu.nl en de lezers/reageerders daarvan bestaat in dit geval immers die merkwaardige tweedeling. De redactie weet het zeker en probeerte dat uitgebreid te communiceren, maar de reagerende lezers zien het niet.

Het lijkt er dus op dat journalisten in dit geval onmiddellijk zien, wat mevrouw Fulani eigenlijk vooral voelde, terwijl hun lezers dat wat mevrouw Fulani voelde, niet zien. De ene soort mensen ziet iets en de andere soort mensen ziet het met de beste wil van de wereld niet.

Het is alsof je over 'God' praat. Sommige mensen weten zeker dat 'God' overal om ons heen is, terwijl anderen volstrekt zeker weten dat hij (of het) natuurlijk helemaal niet bestaat.

Maar ook het omgekeerde kan gebeuren. Je kunt iets zien en waarnemen, maar vervolgens weet een bepaald soort mensen eigenlijk vrijwel zeker dat je niet gezien hebt, wat je denkt gezien te hebben.

Laat ik een merkwaardig voorval rapporteren uit deze laatste categorie. Ik zie iets en vervolgens doet bijna iedereen die ik aan zijn jasje trek alsof het niet zo is. Op basis van mijn woordelijke verslag is men niet in staat zich er iets bij voor te stellen. Men is niet in staat in actie te komen. Mijn waarneming komt niet over.

 

 

Ik zag het wel, maar zij niet, hoe ik me ook inspande

Hier is het verhaal. Ik ben aan het einde van de afgelopen zomer in een groot en stil natuurgebied vlak bij Groningen (de Onlanden, het westelijk deel) aan het suppen. Het is op het einde van de dag en weer eens bloedheet. Opeens schiet in het water voor mijn sup iets groots weg. Ik kijk natuurlijk en kan voor me in het water, onder het wateroppervlak, twee reptielpoten zien met het lijf daartussen. Voor wie het precies wil weten: het waren de linkerpoten, want het dier schoot naar links weg. De afstand tussen beide poten was iets van 75 centimeter of meer. Je zou dus verwachten dat het totale beest een twee meter of langer zou moeten zijn. Het dier zwom kennelijk met de staart, die ik niet kon zien en stuurde met de poten, want de poten stonden uit en lagen niet langs het lichaam. De poten werden ook niet gebruikt voor de voortbeweging. Het dier ontwikkelde een stevige snelheid. Het schoot echt weg.

Ik denk dus een krokodil of iets dergelijks gezien te hebben en rapporteer mijn waarneming enkele dage later aan diverse instanties. Per slot van rekening is dat niet, wat je als eenzaam supper in een groot, stil natuurgebied hoopt tegen te komen.

Vervolgens maak ik iets mee, dat eigenlijk veel gekker is dan wat kennelijk een te groot gegroeid dier is dat door de eigenaar gedumpt is. Mensen lijken het zeker te weten: dat kan niet, zonder dat zo te formuleren. Ik kan geen krokodil gezien hebben, want dit is Nederland en daar hebben we die gewoon niet. Alleen de krokodillenexpert en de reptielenexpert denken er onmiddellijk heel anders over. Ze zien als het ware niet alleen het beest dat ik beschrijf, maar vooral ook de problemen die dat oplevert. 

Samenvattend: ik zie dus in dat korte moment iets, maar de mensen van de diverse instanties die ik daarna probeer te  alarmeren, zien het niet, Ze komen tenminste niet in actie.

Hier heb je dus precies het omgekeerde geval. Ik zie daadwerkelijk iets en rapporteer dat, maar de mensen die mijn verhaal horen of lezen kunnen zich er niet echt iets bij voorstellen. Je bent geneigd te zeggen: ze kunnen het niet geloven. Iets dat ik ze niet kwalijk neem, maar ze nemen ook niet de moeite om mijn melding te onderzoeken. Ze weten dus bij voorbaat: dat is natuurlijk niet zo. Anders geformuleerd: ze geloven iets en mijn verslag is niet in staat dat geloof aan te tasten.

Waarom hebben de krokodillenexpert en de reptielenexpert dan geen problemen met mijn verhaal? Wat zij geloven is als het ware iets heel anders. Ze weten over krokodillen het nodige en mijn verhaal past in dat geloof. Ik vertel ze als het ware niet echt iets nieuws.

 

Twee soorten waarheid, twee culturen

Wat betekent dit? De verklaring is simpel. Mensen hanteren twee verschillende soorten waarheid. Aan de ene kant hebben we mensen die geloven wat door hun groep verteld wordt en geloofd wordt. Aan de andere kant hebben we mensen die alleen geloven wat we kunnen zien en waarnemen. Daar tussenin zit natuurlijk de grote groep die soms het ene doet en dan weer het andere.

Het idee van de twee culturen (alfa's en bèta's) is ouder, maar is inmiddels door de resultaten van het empirische onderzoek naar discriminatie bevestigd, zou je kunnen zeggen. Het grote verschil tussen die twee verschillende culturen kunnen we meten. Het is de mate van bevooroordeeldheid: de mate waarin mensen instemmen met een reeks populaire vooroordelen.

Wat meten we met bevooroordeeldheid (prejudice)? De mate van irrationeel geloof. Als ik geloof dat morgen de zon opkomt, is dat ook een geloof, maar het is niet irrationeel. Er zijn goede gronden om te denken dat morgen de zon weer opkomt. Maar als je bijvoorbeeld gelooft in samenzweringstheorieën, scoor je wel hoog op bevooroordeeldheid. Of als je op mensen als Trump stemt of daar enthousiast over bent.

Als je het dus over bevooroordeelde mensen hebt, heb je het over Trump-stemmers en over de mensen die in 1932 enthousiast voor Hitler kozen. En over fundamentalistisch gelovigen.

Bestaat er experimentele bevestiging voor het zien van dingen die er niet zijn? Ja, die is er en dat onderzoek is zelfs vele malen gerepliceerd met steeds soortgelijke uitkomsten. Solomon Asch liet zijn proefpersonen rapporteren wat ze zagen, terwijl de studenten om hen heen iets anders beweerden. Bijna al zijn proefpersonen zagen onder deze omstandigheden soms iets, dat er niet was. Ze rapporteerden dan niet wat ze zagen, maar wat ze hoorden.

De grote ontdekking van Asch was echter, maar bijna niemand weet dit, dat het om een persoonsvariabele gaat. Sommige mensen gaan nooit met de groep mee, anderen altijd en de meesten zo af en toe. Hoe vaak iemand van het totale aantal keren met de groep meegaat, kunnen we meten en is voor iedereen een vast percentage. Vergelijk het met lengte. Je wordt niet opeens een stuk langer of korter, zo is het ook met dit percentage. Het ligt vast, je kunt het niet zo maar wijzigen, zelfs niet als je zou willen.

De verklaring voor het zien van dingen die er niet zijn, is dus dat veel mensen meegaan met de groep. Ze rapporteren niet wat ze zien, maar wat hen verteld wordt. Ook de verklaring voor het niet zien van dingen die er wel zijn, is hetzelfde. Omdat veel mensen meegaan in hun oordeel met de groep, rapporteren ze niet, wat ze kunnen zien, maar wat hun groep beweert en gelooft.

 

 

 

 


zondag 4 december 2022

De discriminatie-politie ziet een discriminerende oude dame

 

Wie het nieuws actief leest, blijft lachen. Of misschien zou je soms beter kunnen gaan huilen.  Het begint voor mij allemaal met een artikel op de BBC-site (https://www.bbc.com/news/uk-63810468).

Een oudere Britse hofdame zou gediscrimineerd hebben en zag zich vervolgens genoodzaakt haar excuses aan te bieden en 'ontslag' te nemen. Want 'discriminatie' aan het hof kan natuurlijk niet.

Laten we eerst kijken naar de persoon die het misdrijf gepleegd heeft. Het gaat om Lady Susan Hussey. Het artikel meldt dat ze 83 jaar oud is en een naaste vertrouweling is van wijlen de koningin. Ze vergezelde de queen zelfs bij de begrafenis van haar man.

'[She] accompanied her [the Queen] at the funeral of the Duke of Edinburgh last year.'

Dat was nog niet alles. Lady Hussan blijkt ook nog de peetmoeder (godmother) van Prince William te zijn. Iemand die dus zeer hecht verankerd was in de koninklijke familie. Maar wat dat precies waard is, gaan we zien.

 

Waarom denken we, dat hier sprake van discriminatie moet zijn? De reden om dat te denken, is dat (de woordvoerder van) Prins William dat beweerde. Het artikel meldt:

'The palace described the remarks as "unacceptable and deeply regrettable". A spokesperson for Prince William said "racism has no place in our society".

"The comments were unacceptable, and it is right that the individual has stepped aside with immediate effect," they said.'

 

Tja, als de voorlichter van de prins dat zegt, dan moet het natuurlijk wel waar zijn. Iemand die zo hoog is, kan zich menselijkerwijs gesproken, natuurlijk niet vergissen. Maar laten we toch even doorvragen. Hoe komt die voorlichter bij zijn idee?

Nog steeds het BBC-artikel volgend: de voorlichter baseerde zich op de opmerkingen van mevrouw Fulani. Wie is mevrouw Fulani? 

Ngozi Fulani is niet zo maar iemand. Ze is de oprichtster van een liefdadigheidsinstelling en woonde op het paleis een liefdadigheidsbijeenkomst bij.

Eigenlijk zou je het bij die omschrijving willen en moeten laten. Maar in dit geval is er nog iets dat mevrouw Fulani bijzonder maakt. Ze is iemand van kleur, en niet zo maar een kleurtje. Nee, ze is zwart. In mijn ogen is ze daardoor niet beter of slechter, maar de rest van dit verhaal kan niet zonder dat gegeven, vrees ik.

We proberen nog steeds te achterhalen, welk misdrijf Lady Hussey precies gepleegd heeft. Tot nu toe blijkt alles terug te voeren op de getuigenis van mevrouw Fulani. Wat beweert mevrouw Fulani precies?

Het BBC-artikel meldt:

'Ms Fulani, said she was "totally stunned" by Prince William's godmother's comments.'

Ah ha! Wil je nog meer bewijs? Zij was 'totally stunned' volgens haar eigen zeggen. Dat was ze natuurlijk niet zo maar. Ze heeft Lady Hussey dus als het ware op heterdaad kunnen betrappen. Ze wist als het ware niet wat ze zag, toen de lady bezig was het misdrijf te voltrekken. Ze probeerde nog tussen beide te komen, maar het was al te laat. Het misdrijf was al gepleegd.

 

 

Maar wat heeft Lady Hussey nu precies voor fouts gedaan? Dat vermeldt het artikel ook:

'[...] she repeatedly asked a black British charity boss where she was "really" from'.

Inderdaad een afschuwelijke actie. Stel je voor dat de nazi's in plaats van die 6 miljoen Joden te vergassen en op andere manieren om het leven te brengen, die mensen alleen herhaaldelijk hadden gevraagd hadden, waar ze precies vandaan kwamen. Je moet er toch niet aan denken.

Later we dichter bij huis blijven. Stel je voor dat de Russen Oekraïne niet zouden plat bombarderen en niet zouden proberen uit te moorden. Dat ze in plaats daarvan beleefd, maar herhaaldelijk zouden vragen, waar de Oekraïners nu echt vandaan kwamen. In zo'n wereld zonder geweld zou je toch niet willen leven?


Ben ik echt de enige die het probleem ziet? Gelukkig niet. Nu.nl besteedde ook aandacht aan het voorval (https://www.nu.nl/buitenland/6239620/waarom-de-vraag-waar-je-nou-echt-vandaan-komt-racistisch-kan-zijn.html#nujij).

De strekking van dat artikel is: meelullen, de kwestie goedpraten, sociaal wenselijke onzin verkopen, politiek correct leuteren. Men voert een onderzoekster (Hanneke Felten, onderzoeker bij het Kennisplatform Integratie en Samenleving) op, die kennelijk ook geen flauw benul heeft over wat 'discriminatie' in werkelijkheid nu precies is.

Als je de reacties op dat artikel raadpleegt (met de nodige moeite lukt dat tenslotte, de redactie van Nu.nl lijkt vastbesloten je het lezen van die reacties zo lastig mogelijk te maken) zie je echter iets anders. Opvallend is ook dat de redactie na duizend reacties de reactie-mogelijkheid al sloot, terwijl men in andere gevallen doorgaat tot een aanzienlijk veelvoud van dat aantal reacties.

 

Wat waren de reacties?

De reactie die de meeste respect-betuigingen van lezers (641) opleverde, was van MijnFeilbareDenken en luidde:

'Ik heb zelf in Duitsland gewoond en door mijn accent hoorden de Duitsers gelijk dat ik geen Duitser was. Dus ook ik kreeg geregeld die vraag. Met ik heb die nooit als discriminerend ervaren. Ik voelde me zeker anders, maar eerder speciaal. Soms maakte ze idd flauwe grapjes (het was in 2003 en ze waren nogal blij dat Nederland niet mee deed met het wk, of: waar zijn je klompen?), maar meestal was het oprechte interesse. Het beeld dat geschetst wordt in dit artikel herken ik dan ook totaal niet.

Ik kan me wel voorstellen dat het anders is wanneer er over jouw soort veel negatieve stereotyperingen zijn en dat je daardoor gelijk wordt aangezien als dief, terrorist of luiaard.

Maar ik denk dat de meeste mensen het goed bedoelen. We zijn nou eenmaal allemaal anders en dat roept nieuwsgierigheid op. Zie het als een gegeven. En stuur het gesprek bij indien nodig.'

 

De reactie die daarna het meeste respect opleverde (436), was van Jan_Willem_Van_Hoogenhuizen en luidde:

'Ik ben zelf een allochtoon aangezien één van mijn ouders niet in Nederland is geboren. Hierdoor heb ik een gemengd accent waardoor ik de vraag “waar kom je vandaan” zowel in Nederland als in het land van mijn moeder te horen krijg.

Persoonlijk voelde ik mij nooit beledigd door de vraag.
Sterker nog, ik vond het leuk dat mensen interesse toonden in mijn afkomst.'
Afgaande op de mening van de mensen die reageerden op het stukje, zag men die 'foute' vraag dus als heel normaal en niet als discriminerend.''


Nawoord

Wat kunnen we uit deze kwestie leren? Degenen die hier discrimineren (anderen letsel toebrengen om zichzelf sociaal te verbeteren) zijn een zwarte mevrouw en een koninklijke prins.

Het idee dat zwarte mensen niet zouden discrimineren, wordt dus niet bevestigd. Ook het idee dat prinsen e.d. niet zouden discrimineren, wordt niet bevestigd.

In werkelijkheid is het helaas vaak andersom. Bij prinsen en koningen valt dat te begrijpen. Want wie macht wil, kan niet al te kieskeurig zijn. Bij zwarte mensen valt dat minder simpel te begrijpen. Komt het door de slavernij? Maar lang niet alle zwarte mensen hebben een verleden dat wortelt in slavernij.

Ik denk dat de verklaring simpel is. Mensen hadden als jagers/verzamelaars slechts twee opties. Of ze waren bezig voedsel te verzamelen, of ze waren bezig de onderlinge groepsband te versterken (zonder groep kon je niet overleven, als de groep niet overleefde, overleefde jij ook niet). Voor de eerste modus moet je het systeem van het rationele denken ontwikkelen en benutten (systeem 2). Voor de tweede modus moest je sociaal interacteren (kletsen, het gezellig maken). Daarvoor gebruik je systeem 1, het emotionele systeem.

Waarom noemen we dat systeem 1 en 2? Mensen kunnen zonder systeem 1 niet overleven. Een baby heeft eten nodig en dat moet door de omgeving geleverd worden. Systeem 1 zorgt dat dat ook inderdaad gebeurt. Als je dus poeslief vraagt om de slagroom, is dat systeem 1. Maar als je krijst, omdat je melk wilt, is dat ook systeem 1.

Als volwassene moet je echter genoeg voedsel bemachtigen voor jezelf en de jouwen. In een gevaarlijk oerwoud helpt poeslief vragen niet en hard krijsen ook niet. Integendeel, je moet nauwkeurig de omgeving observeren en die observaties zo benutten, dat het uiteindelijk resulteert in voedsel. Dat is het systeem van slim nadenken dat werkt met harde feedback op de lange termijn. Of je hebt tenslotte eten, of je hebt geen eten. Dat is systeem 2.

Mensen die dus opgroeien in moeilijke omstandigheden, waar ze zelf actief voedsel moeten zoeken en gevaren ontwijken, ontwikkelen een sterker en beter systeem 2. Daardoor zijn ze eerder geneigd hun discriminerende systeem 1, dat gebaseerd is op emoties en driften, te beteugelen.

Als mijn idee klopt, komt die sterke neiging tot discrimineren en irrationeel geloof (die we meten als bevooroordeeldheid, generalized prejudice) dus doordat men het te goed heeft. Of doordat zijn voorvaderen vooral eten kregen via anderen en dat niet zelf uit de natuur hoefden te halen. Iets dat we vandaag de dag voortdurend om ons heen kunnen zien en meemaken. Naarmate we het beter krijgen (het eten wordt ons als het ware in de mond gestopt), worden we steeds meer als beesten, gaan we steeds meer discrimineren.

 

Dan kun je aan dit voorbeeld nog iets zien. Discriminerende mensen focussen niet op de inhoud van woorden, maar op de woorden zelf, zonder dat ze de betekenis precies begrijpen. Ze rukken woorden uit hun context en maken die los van hun betekenis om die vervolgens te hanteren als (sociaal) wapen. Ze hanteren het woord en geloven vervolgens dat dat woord de absolute waarheid is.

 

(Wie op dit punt onderzoek zoekt, moet in The Authoritarians van Bob Altemeyer lezen over fundamentalistische gelovigen. Het boek staat op internet en is gratis te downloaden.)



 

 




vrijdag 2 december 2022

Tieners hebben na de corona-epidemie hersenen die 3 jaar te oud zijn

 

Laatst aangepast op 3/12/2022 om 12.31 uur

 

Op de site van de Guardian vind ik een artikel waarin gerapporteerd wordt over een onderzoek naar het brein van post-corona tieners (https://www.theguardian.com/science/2022/dec/01/brains-of-post-pandemic-teens-show-signs-of-faster-ageing-study-finds). 

Men heeft de MRI-scans van een groep tieners na de corona-epidemie vergeleken met een soortgelijke groep van voor de epidemie. Om de scans zo vergelijkbaar mogelijk te houden heeft men de groepen gematcht op leeftijd en sekse. (Ik volg nog steeds het Guardian-artikel.)

 

Het Guardian-artikel vat de resultaten als volgt samen:

'After matching 64 participants in each group for factors including age and sex, the team found that physical changes in the brain that occurred during adolescence – such as thinning of the cortex and growth of the hippocampus and the amygdala – were greater in the post-lockdown group than in the pre-pandemic group, suggesting such processes had sped up. In other words, their brains had aged faster.

“Brain age difference was about three years – we hadn’t expected that large an increase given that the lockdown was less than a year [long],” said Ian Gotlib, a professor of psychology at Stanford University and first author of the study.'

 

Men vindt dus op grond van de MRI-scans een verschil van 3 jaar in hersenleeftijd tussen beide groepen. Wat houdt dat in dit geval precies in? 'Thinning of the cortex and growth of the hippocampus and the amygdala.' De cortex is dunner geworden en de hippocampus en amygdala groter.

In de cortex vinden vooral de hogere denkprocessen plaats, is het idee. Het abstracte denken dat hoort bij systeem 2. Het denken dat mens vroeger zo bijzonder maakte.  Het groter worden van de hippocampus en de amygdala staan voor een sterker ontwikkeld systeem 1 denken. Meer emoties  en die emoties koppelen aan de eigen persoonlijke ervaringen.

Als het gevonden verschil dus inderdaad zou komen op een of andere manier door de corona-epidemie (dat weet je niet zeker) dan zou dit betekenen een verschuiving naar systeem 1 denken. Nog meer emoties, nog meer opinie, nog meer persoonlijke ervaringen. Anders geformuleerd: nog meer bevooroordeeldheid, nog meer fascisme, nog meer bijgeloof.

Wat we weten over systeem 2 denken, is dat het moeizaam geleerd moet worden door interactie met de harde natuur of objectieve opgaven (opgaven met harde feedback). Wat we weten over systeem 1 denken, is dat het spontaan ontstaat en snel sterker wordt in sociale interactie. Als de covid-jeugd in de tijd van de pandemie nog meer op internet en facebook heeft gezeten, zouden de conclusies dus gemakkelijk kunnen kloppen.

 

Strikt genomen weten we natuurlijk zonder deugdelijk onderzoek niet volledig zeker of die dunnere cortex en die grotere hippocampus en amygdala inderdaad staan voor meer systeem 1 denken.

De MRI-scans werden echter gemaakt in het kader van een groter onderzoek naar stress, depressie en angstigheid. Daardoor had men ook op dat punt informatie. Het Guardian-artikel vat dit samen als:

'The post-lockdown group self-reported greater mental health difficulties, including more severe symptoms of anxiety, depression and internalising problems.'

Dat bevestigt dus dat die grotere hippocampus en amygdala in combinatie met die dunnere cortex inderdaad staan voor een sterker systeem 1 en een zwakker systeem 2.

Verder klopt die waarneming (meer depressie en angstigheid) met wat er bekend is uit andere bronnen over de jeugd na de corona-epidemie. Het past allemaal in wat er al bekend was.

 

Kennelijk is het dus zo, dat door de lock down jongeren vooral hun systeem 1 ontwikkeld hebben ten kosten van hun systeem 2. Ze hebben niet een krantenwijk genomen, ze zijn niet gaan puzzelen, ze zijn niet als een gek wiskundesommen gaan maken, ze zijn niet gaan hollen, ze zijn niet gaan suppen, ze hebben geen balanstraining gedaan. Nee, ze zijn gaan kleppen en kletsen. Ze hebben met het verstand op nul naar leuke clips gekeken en hebben zich onderling suf gekletst.

Misschien zijn de gevolgen niet zo vreemd, maar dit onderzoek laat dan wel pijnlijk zien, wat de concrete gevolgen zijn.

Maar als de hersenen van tieners die het er van nemen in korte tijd drie jaar kunnen verouderen, dan zou je verwachten dat de hersenen van oude mensen in korte tijd belangrijk jonger kunnen worden (qua hersenleeftijd) als ze systematisch systeem 2 activiteiten gaan doen en gaan trainen!

Met andere woorden: de veroudering van hersenen waar de samenleving zo mee worstelt, zou door gericht trainen en oefenen vermoedelijk belangrijk tegengegaan kunnen worden en misschien wel omgedraaid.

Kennelijk moeten we uit dit onderzoek concluderen: alles wat je niet gebruikt van je hersenen, verdwijnt en het verdwijnt snel. Alles wat je wel gebruikt, groeit en het groeit snel.

In feite bevestigt dit onderzoek het uitgangspunt van de behavioristen: je leert door te oefenen, door te doen. En helaas geldt dat ook voor onzinnige activiteiten: wie de hele dag onzin produceert, wordt vooral goed in het produceren van (sociale) onzin. En moet daarvan zelf de kosten dragen.



Nawoord

Uit de reacties op mijn blogpost maak ik op, dat de post wel duidelijk is, maar dat een belangrijk punt niet goed voor het voetlicht komt. Wie namelijk het oorspronkelijke Guardian-artikel leest, ziet dat de verklaring die ik geef voor het waargenomen fenomeen totaal anders is, dan de verklaring waar de geciteerde deskundigen mee komen.

Wat zeggen deze deskundigen? Het artikel vermeldt:

'Gotlib said the findings chimed with those from other researchers studying the impact of the pandemic on teens’ mental health. “Deterioration in mental health is accompanied by physical changes in the brain for teens, likely due to the stress of the pandemic,” he said.'

En even verderop:

'“In older adults, these brain changes are often association with reduced cognitive functioning. [...] this is the first demonstration that difficulties in mental health during the pandemic are accompanied by what seem to be stress-related changes in brain structure.”'

En:

'Michael Thomas, a professor of cognitive neuroscience at Birkbeck University of London, who was not involved in the study, said the research confirmed the struggles that teenagers in particular experienced in the pandemic, with increases in anxiety and depression.'

Men schrijft de veranderingen in het brein toe aan de stress die de pandemie veroorzaakt zou hebben. Maar jonge mensen liepen amper kans ziek te worden door corona, laat staan dood te gaan, dus het idee dat ze daardoor veel stress hebben ervaren, lijkt me nogal vergezocht. Mijn verklaring is misschien minder wat we graag willen geloven. De jeugd is door de pandemie gewoon weggezakt in een soort zalig omhangen. Men kwam niet meer tot 'harde actie', tot interactie met de harde natuur en harde opgaven. In plaats daarvan ging men 'leuke' dingen doen.

Men gelooft dat de corona-epidemie stress opleverde en gaat vervolgens vanuit dat geloof redeneren. Verder is men onkundig over de grote invloed van bevooroordeeldheid (generalized prejudice) als maat voor enerzijds fascisme en anderzijds systeem 1 versus systeem 2 denken.

De Telegraaf meldde op 2/12/2022 een kort bericht over het Nemesis-onderzoek van het Trimbos-instituut. Men vindt in dat onderzoek een sterke stijging van het aantal 'psychische klachten' (mijn omschrijving). Zelf heeft men het over 'psychische stoornissen', wat ik ietwat overdreven vind. Die sterke stijging is vooral te zien onder jonge mensen en studenten. De oorzaak schrijft men toe -- zonder enig deugdelijk onderzoek te plegen -- aan de toegenomen maatschappelijke zorgen en prestatiedruk.

Ook die verklaring lijkt dus een broodje aap. Waarschijnlijker is ook hier een soortgelijke verklaring op zijn plaats. Jonge mensen doen steeds minder harde activiteiten en steeds meer zachte. Het resultaat is precies wat je zou verwachten op basis van wat we weten uit de Skinneriaanse leertheorie. En die leertheorie is gebaseerd op keihard en vele malen gerepliceerd dieronderzoek. Als mensen dus inderdaad minder harde activiteiten doen, en ze zouden daardoor niet een sterker systeem 1 en een zwakker systeem 2 krijgen, dan zou er met wat we weten over de natuur iets grondig mis zijn.



Nawoord 2  -- Maar klopt het?

Het is misschien ook wel een heel 'mooi' verhaal als je erover nadenkt. Onderzoekers vinden dat jongeren door de corona-epidemie hersenen krijgen, die 3 jaar ouder lijken te zijn, dan dat ze werkelijk zijn. En ik wil het ook graag geloven. Dus dan moet je vragen: klopt het wel?

Daarom het oorspronkelijke artikel opgezocht (https://www.bpsgos.org/article/S2667-1743(22)00142-2/fulltext).

Een eerste punt dat me opvalt, zijn die vreemde aantallen. De onderzoekers matchen hun proefpersonen, de mensen waarvan ze scans gebruiken. Je zou dus verwachten dat bij iedere persoon uit de post covidgroep ook één bepaalde persoon in de pre covidgroep moeten zitten met dezelfde leeftijd en sekse. Maar de ene groep bevat 81 mensen en de andere groep 82. Dat kan dus niet. Kennelijk hanteren de onderzoekers een eigen definitie voor het begrip 'matchen'. Maar als je zo'n elementair basisbegrip totaal anders invult dan gebruikelijk, welke andere basisbegrippen heb je dan ook anders ingevuld?

Anders geformuleerd: deze club onderzoekers weet kennelijk de ballen niet van statistiek. Maar toch gebruiken ze de meest ingewikkelde soorten statistiek die denkbaar zijn. Je hebt nog nooit als piloot in een vliegtuig gevlogen, maar voor dit onderzoek spring je onvoorbereid in een hypersonische straaljager met atoomkoppen. 

Een tweede punt dat dan opvalt, is het uitgangspunt. Normaal probeer je aan te tonen dat de experimentele groep en de controlegroep niet belangrijk verschillen. Maar als je het verslag leest, lijkt duidelijk dat men hier het omgekeerde doel had. Men wilde juist graag verschil aantonen. Hoe ver ben je bereid af te wijken van de werkelijkheid om je ideaal te realiseren, vraag je je dan als lezer af.

Je doet onderzoek in een bepaalde populatie jongeren waarbij je hersenscans krijgt. Vervolgens wil je de scans van voor de corona-epidemie vergelijken met die van na de corona-epidemie. Dat lijkt me niet zo moeilijk. Maar wat je natuurlijk ten koste van alles wilt vermijden, is selectie. Je wilt niet dat de pre-coronagroep anders geselecteerd wordt dan de post-coronagroep. Dus je zou een uiterst simpele en harde werkwijze moet toepassen. Wel, dat lees ik niet terug in het verslag. Hoe die selectie precies tot stand kwam, blijft nogal onduidelijk. Maar in dat geval was er dus voor de onderzoekers alle mogelijke ruimte de resultaten in de gewenste richting te sturen.

Stel nu, dat je de lezer echt wilt overtuigen van de verschillen tussen beide groepen. Dan zou je dus een simpele maat gebruiken en de verschillen laten zien. Kijk, hier scoort de ene groep. Daar scoort de andere groep. Het zouden twee frequentieverdelingen op dezelfde as kunnen zijn. Verder zou je natuurlijk ook de totaal verschillende scans van beide groepen laten zien. Bijvoorbeeld 10 van de ene en 10 van de andere groep, zodat iedereen je werk kan checken.

Wel, wie het verslag op dit punt naleest, wordt teleurgesteld. Je verzandt in een soort statistisch potjeslatijn waar je als normaal statisticus geen wijs meer uit kunt worden. En twee serie scans, vergeet het maar.

Kortom, het kan kloppen en het kan niet kloppen. Voorlopig ben ik niet overtuigd. Ook een replicatie op hetzelfde beroerde niveau zal me niet onmiddellijk van gedachten doen veranderen. De kans dat de tweede groep de eerste groep dapper napraat, is te groot.


 

 

 

 




 



 


woensdag 23 februari 2022

Wat kunnen we leren van de reacties op de film 'Don't Look Up'? De systeem 1 reactie van alfa's en bèta's is totaal anders

 

 Laatst bijgewerkt: 07-07-2022 om 11.02

 

 

Voor mijn gevoel kunnen we van de film Don't Look Up! en de reacties op die film veel leren. De reacties op de film laten veel interessants zien op het gebied van het empirische onderzoek naar discriminatie/agressie. Maar wat kunnen we precies leren? Wat laten de film en de reacties op die film allemaal zien? Het is nog niet zo simpel dat duidelijk te verwoorden. Laat ik een poging wagen.

Eerder besteedde ik aandacht aan deze film (hier: https://stopdiscriminatie.blogspot.com/2021/12/de-film-dont-look-up-niet-begrijpen-is.html). De strekking van die blogpost was: wat de film in beeld brengt, is die typische systeem 1 reactie. Mensen worden geconfronteerd met heftig verontrustende informatie. Ze zouden massaal moeten overschakelen naar systeem 2, maar dat lukt niet. Ze blijven hardnekkig reageren via hun emoties, dus via systeem 1.

Het interessante is dan, dat je in de reacties op die film precies hetzelfde ziet gebeuren. Het is een film, dus mensen zijn daardoor al geneigd hun systeem 1 het werk te laten doen. Maar het is qua boodschap geen leuke film, dus systeem 1 concludeert: dit is niks. Zo snel mogelijk weg zijn.

In de reacties op die film valt echter op dat veel mensen en met name klimaatwetenschappers de film wel waarderen. Ze zien in de film als het ware heel realistisch hun strijd uitgebeeld om de impopulaire klimaatboodschap over het voetlicht te brengen.

Zelf heb ik samen met mijn vrouw onderzoek gedaan naar het taalniveau van Nederlandse studenten en hoe je dat kunt verbeteren. We vonden -- historisch gezien -- prachtige uitkomsten. Empirisch gezien was het alsof de lieve Heer zelf besloten had ons de helpende hand te bieden. Maar tegelijkertijd waren de uitkomsten die we vonden ook uitermate schokkend. We konden aantonen dat Nederlandse studenten onvoorstelbaar veel fouten maken in korte stukjes tekst. We konden aantonen dat dat om echte fouten ging, niet om fouten die je denkt te zien, maar om fouten die daadwerkelijk aanwezig zijn. Verder konden we laten zien, dat dat allemaal niet nodig was, want (basale) schrijfvaardigheid blijk je prima te kunnen trainen als je de door ons ontwikkelde methode volgt en bereid bent de computer in te zetten. Studenten gingen met 20 uur onderwijs/training gemiddeld meer dan een standaarddeviatie vooruit en geloof me, dat is veel.

Je zou denken dat mensen zulke empirische resultaten zouden weten te waarderen. Journalisten en taalwetenschappers zagen deze resultaten echter als vloeken in de kerk. Dat kon en mocht niet waar zijn. Het idee dat Nederlandse studenten slecht zouden schrijven, was volstrekte onzin. Het was onmogelijk dat onze empirische gegevens konden kloppen. Zo was de werkelijkheid niet. Er was dus slecht een afdoende verklaring denkbaar: wij deugden niet, wij logen, wij fraudeerden.

Wij publiceerden ons onderzoek (ons gezamenlijke dubbel-proefschrift) begin 2014. Inmiddels heeft men bijna 8 jaar de tijd gehad om empirisch aan te tonen dat van de vele nieuwe empirische resultaten, die we konden melden, er één of meer niet deugden. Tot nu toe heb ik geen enkel fatsoenlijk onderzoek gezien dat ook maar één van onze resultaten weerlegt of tegenspreekt.

Wat wij dus konden zien en mochten meemaken, is dat een grote groep taalwetenschappers en journalisten in reactie op nieuwe informatie massaal terugvalt op die typische systeem 1 reactie. Men kijkt niet naar de harde feiten, maar men volgt zijn gevoel en als dat gevoel zegt, dat het niet zo is, wel, dan is het dus niet zo. Ook al heb je duizend onderzoeken, daar zal men zich niet door laten leiden, want men volgt zijn gevoelens en die leveren de 'echte' waarheid.

Die merkwaardige reactie op een mooi stuk empirisch onderzoek met veel belangwekkende nieuwe resultaten liet ons niet onberoerd. Wat doe je in zo'n geval? In eerste instantie reageer je natuurlijk emotioneel. Dat maakt dat je iets wilt doen. Je kunt heel erg boos worden, maar dat levert uiteindelijk niet echt iets op. Ik besloot daarom het voorbeeld van Madame Curie te volgen. Als het plebs je uitjouwt, wordt het tijd om het onderzoek te intensiveren.

De vragen die ik mezelf stelde, waren: wat gebeurt hier precies? Zijn er meer van zulke voorbeelden te vinden? Om wat voor mensen gaat het precies? Hebben ze bepaalde kenmerkende eigenschappen? En: hoe kun je dit begrijpen?

Eén van mijn eerste successen was dat ik ontdekte dat de mensen in de kliek die hierbij betrokken was, eigenlijk zonder uitzondering frauduleus waren. Het was, alsof ze lak hadden aan feiten. Verder leek duidelijk dat het vrijwel altijd ging om alfa's. Tot nu toe heb ik bij mijn weten niet meegemaakt dat er een serieuze bèta bij betrokken was.

In ieder geval leverden die uitermate vreemde reacties op ons proefschrift de basis op voor deze blog. Nadat ik had kunnen aantonen dat het met statistische zekerheid om 'discriminatie' moest gaan, was de volgende stap me verdiepen in het beschikbare empirische onderzoek naar discriminatie. Iets dat vrijwel niemand blijkt te doen. Ach ja, waarom zou je ook? Door de ervaringen met ons proefschrift was ik echter wel gemotiveerd om de onderste steen boven te krijgen.

Na ongeveer twee jaar ploeteren, had ik dermate veel gevonden dat het op een of andere manier vastgelegd moest worden. Mijn ervaringen met de travestie-blog hadden geleerd dat je door te bloggen heel snel vooruit kunt gaan op een bepaald inhoudsgebied. (Ik bedoel: inhoudelijk vooruit gaan, dus meer te weten komen, beter gaan begrijpen. Niet: een groot lezerspubliek aantrekken en vermaken.) Begin mei 2016 startte ik daarom met deze blog, waarbij de expliciete vraag was: 'Stop discriminatie, maar hoe?

Wie vertrouwd is met ons proefschrift, zal zich realiseren dat die vraag twee dingen veronderstelt. Allereerst: hoe definieer je en meet je discriminatie precies? En vervolgens: hoe minimaliseer je het? Empirisch wetenschappelijk gezien, is het probleem simpel. Je moet het eerst kunnen meten en vervolgens wil je het beïnvloeden. Het eerste deelprobleem is het meetprobleem. Het tweede deelprobleem is het minimaliseringsprobleem.

Ik had dus zelf uitgebreid ervaring met het probleem dat in de film aan de orde komt. Het is dan begrijpelijk dat de film me aanspreekt. De film is natuurlijk fictie, maar als je weet, hoe het in werkelijheid gaat, is het aannemelijke fictie. Zo gaat het in grote lijn inderdaad precies, afgaande op mijn ervaring.

De grote vraag is nu: wat kunnen we precies van deze film en de reacties daarop, leren?

In de moderne reacties op Mein Kampf zie je twee standpunten. In de ene opvatting is het een heel fout boek dat zo snel mogelijk verbrand en verboden moet worden. In de andere opvatting (en ook de mijne) kun je de Tweede Wereldoorlog niet goed begrijpen zonder dat boek. Mein Kampf vormt de sleutel tot het begrijpen van de Tweede Wereldoorlog. Het geeft belangrijke informatie over de manier waarop Hitler dacht. Die informatie is van onschatbare waarde.

Wie een boek als Mein Kampf wil verbranden, zegt eigenlijk: we hoeven de Tweede Wereldoorlog niet te begrijpen, want dat zal nooit weer gebeuren. Een stelling die strikt genomen juist is: de volgende wereldoorlog is immers de derde en niet de tweede. Maar het zou misschien toch mooi zijn, als we die nog even konden uitstellen.

Die twee moderne standpunten op Mein Kampf illustreren natuurlijk het systeem 1 en systeem 2 denken. In het ene geval reageert men emotioneel op het boek. Men ziet Hitler als een zeer foute man en dus moet zijn boek ook wel zeer fout zijn. Dus: weg ermee! In het andere geval reageert men rationeel op het boek. Het boek bevat mogelijk belangrijke informatie. Met die informatie kunnen we ons voordeel doen.

De achterliggende gedachte bij systeem 2 denken (traag denken) is dus, dat boeken (en onze omgeving) informatie leveren die soms nuttig kan zijn. Het is bijvoorbeeld handig als je weet, hoe je de volgende wereldoorlog kunt voorkomen. Of algemener: discriminatie/agressie.

Die moderne reacties op Mein Kampf lijken sprekend op de reacties die men in de dertiger jaren van de vorige eeuw had op Hitler en zijn boodschap. Een grote minderheid van het publiek volgde systeem 1. Hitler ging alle problemen oplossen, dat was toch prachtig! Die man straalde kracht en vastbeslotenheid uit! Geweldig! De meerderheid van de Duitsers moest op dat moment echter niets van de man hebben.

Als je de Holocaust wilt begrijpen, moet je begrijpen welke eigenschap maakt dat een belangrijke groep mensen viel voor Hitler en hem blindelings wilde volgen. Na zo'n tachtig jaar empirisch onderzoek naar dit probleem, denken we dat nu wel te weten. Het gaat om bevooroordeeldheid. De grote variabele die de mensheid in tweeën hakt. De groep mensen die vooroordelen omarmt, omdat ze zo 'mooi' klinken, scoort er hoog op.

Maar wanneer je dat empirische onderzoek nu even buiten beschouwing laat, hoe kom je dan verder? Het enige dat we over de opkomst van Hitler zeker weten, is dat slechts een minderheid (37%) van de kiesgerechtigde Duitsers in 1932 op hem stemde, een grote meerderheid dus niet. Mijn vraag is dan: wat maakt dat iemand tot die meerderheid behoort of juist tot de meerderheid? Wat maakt dat iemand het fascisme omarmt of dat hij daar niets van moet hebben? Kunnen we die vraag beantwoorden zonder terug te vallen op het empirische onderzoek van de afgelopen drie kwart eeuw?

Met andere woorden: wat maakt dat iemand kiest voor de systeem 1 reactie of juist kiest voor de systeem 2 reactie? Eigenlijk omschrijf ik het dan nog niet goed. Want iedereen hanteert zijn emotionele systeem. Maar dat emotionele systeem is als het ware anders geconditioneerd.

Laat ik dit toelichten. Als student psychologie had ik lol in het analyseren van onderzoek. Vaak merkte je dan tenslotte dat er iets mis was gegaan. In mijn latere werkzame leven ben ik daar als het ware mee doorgegaan. Het gevolg is dat je na verloop van tijd als het ware voelt dat er iets niet klopt. Ieder verslag van onderzoek bevat tal van kleine aanwijzingen die veel vertellen over de persoon van de onderzoeker. Er is dus geen reden automatisch het ergste te vrezen. Mijn emotionele systeem komt gestuurd door al mijn ervaringen gewoon mijn analytische systeem 2 te hulp. Je weet niet precies waarom, maar je voelt dat er iets mis is of je krijgt de tegenovergestelde reactie. Wat je hier ziet is uiterst relevant.

Na het zien van de film Don't Look Up en het lezen van wat reacties, kreeg ik die ervaring. Ik voelde dat de film en de reacties daarop relevant waren voor het onderzoek naar discriminatie. Maar waarom precies, was op dat moment nog niet duidelijk.

Nu geldt in dit geval ogenschijnlijk: n=1. Ik ben de enige proefpersoon die het effect demonstreert. Maar dat is niet zo, want Asch vond in zijn experimenten precies hetzelfde. Systeem 1 werkte bij de mensen die zich niet lieten afleiden door de groepsdruk op de achtergrond stevig door.

In het geval van kijken naar deze film kun je dus vermoedelijk zonder veel problemen aannemen dat zowel bevooroordeelde personen als onbevooroordeelde personen (alfa's versus bèta's) de film evalueren via hun systeem 1. Iedereen zit gewoon lekker film te kijken.

Maar uit de reacties op de film (zie bijvoorbeeld de reviewsite Red Tomatoes) zie je dat filmcritici de film veel negatiever beoordelen dan het grote publiek. Verder weten we dat speciaal klimaatwetenschappers en dergelijke zich door deze film wel voelen aangesproken. Kennelijk vinden dus de alfa's deze film niks en zien de bèta's hem wel zitten.

Resumerend. We proberen te begrijpen, waarom in de jaren dertig van de vorige eeuw mensen wegliepen met Hitler, terwijl tegelijkertijd een meerderheid niets van de man moest hebben. In onze tijd zien we op het boek Mein Kampf een soortgelijke reactie, maar dan omgedraaid. Veel mensen willen het boek verbieden en bestrijden, maar in werkelijkheid bevat het de sleutel om de Tweede Wereldoorlog te begrijpen. Kennelijk zien we hier het zelfde mechanisme aan het werk.

Nu hebben we de reacties op deze film en zien we weer iets soortgelijks. Sommige mensen vinden het een draak van een film, andere mensen  zien in de film precies hoe het is. In beide gevallen werkt systeem 1 vermoedelijk volop, maar levert dat systeem tegenovergestelde uitkomsten. Dat kan alleen als dat systeem door de feedback, die volgt op de conclusies,  anders is geconditioneerd. Met andere woorden: deze twee groepen mensen die de film zo verschillend blijken te waarderen, kijken voor de juistheid van hun beweringen en gedachten naar totaal verschillende zaken.

Waar kijken de alfa's naar? In dit geval dus de filmcritici. Ze zien de film als amusement, als iets dat mooi en leuk moet zijn. Maar de film is niet mooi en niet leuk, integendeel. Dus vinden ze de film slecht.

Waar kijken de bèta's naar? In dit geval dus vooral klimaatwetenschappers. Zij zien de film als een uitbeelding van hoe het publiek reageert op hun boodschap over opwarming. Zo is het precies, denken ze. Ze vinden de film niet mooi of leuk vanwege het verhaal dat verteld wordt, maar vanwege de beschrijving van de werkelijkheid. De film is en blijft fictie, maar het is realistische fictie. Het is fictie die goed laat zien, hoe het in werkelijkheid gaat.

Conclusie: alfa's willen kennelijk een 'mooi' verhaal, bèta's willen een realistisch verhaal.

Waarom is dat zo? Valt dat te begrijpen?

Alfa's zijn sociale mensen. De groep is hun basis. Wie verder wil komen in de groep moet sociaal gezien de juiste dingen zeggen. De groep is het criterium. Precies wat Hitler beschreef in Mein Kampf. Het succes van zijn toespraken mat hij af aan het aantal nieuwe lidmaatschappen voor de NSDAP. Hij focuste niet op juistheid van zijn verhaal, maar op de sociale effectiviteit daarvan. Die bepaalde zijn boodschap. We horen immers liever een 'mooi' verhaal dan een akelig verhaal.

Maar een groep mensen ziet dat dus kennelijk anders. Ze zijn beducht voor 'mooie' verhalen. Ze willen niet een 'mooi' verhaal, maar een realistisch verhaal. Een verhaal dat klopt met de feiten. Want morgen is er weer een dag dat men moet overleven in een harde wereld, dus met je verliezen in een droomwereld kom je uiteindelijk niet verder

Bij Hitler zagen we totaal verschillende reacties op zijn boodschap, maar hadden we niet precies duidelijk waar die verschillen door ontstonden. Bij de moderne reacties op Mein Kampf vermoed je al dat het bij de huidige bestrijders vooral gaat om politieke correctheid. Men wil zijn sociale omgeving duidelijk maken dat men de juiste attitude bezit. Men zit in het goede kamp, is de boodschap. Terwijl duidelijk leek dat bèta's focussen op de informatie die het boek levert. Alleen ontbrak in dat geval harde informatie om dat idee te ondersteunen.

Bij de film Don't Look Up hebben we evidentie (feitenmateriaal) over wie de film slecht vonden (alfa's) en wie de film goed vonden (bèta's). De reacties op deze film leveren dus informatie op, die we tot nu toe niet hadden (als we tenminste de conclusies uit het beschikbare empirische onderzoek even negeren).

Maar volgens mij is er nog een punt. Over hoe bèta's zaken waarderen is tot nu toe -- bij mijn weten -- weinig bekend. In dit geval zie je echter duidelijk dat ze niet focussen op het 'mooie' of lelijke van het verhaal, maar op de realiteitswaarde, zelf terwijl ze ontspannen film zitten te kijken. Die focus op de realiteit loopt bij de bèta's dus kennelijk heel diep. Hun systeem 1 focust automatisch op feitelijke juistheid. Het verhaal is misschien afschuwelijk, maar het klopt wel. En dus is de film goed.

Wat de film dus duidelijk maakt, is dat alfa's fundamenteel anders oordelen dan bèta's en omgekeerd. Bevooroordeelde geesten oordelen totaal anders dan de onbevooroordeelde geesten. De mensen die vooroordelen plegen te omarmen oordelen totaal anders dan de mensen die niets moeten van vooroordelen. Eenvoudiger geformuleerd: bèta's verwerken informatie totaal anders dan alfa's (iets dat we al wisten) doordat hun systeem 1 anders geconditioneerd is (iets dat we nog niet wisten).

Als mijn verhaal klopt, is het (emotionele) systeem 1 bij alfa's en bèta's (respectievelijk bevooroordeelden en onbevooroordeelden) fundamenteel anders geconditioneerd. Alfa's willen uiteindelijk vooral een 'mooi' verhaal horen, bèta's een kloppend verhaal. Daardoor verschilt hun systeem 1 reactie. Dat meten we als wel of niet bevooroordeeld zijn.

Dat bèta's informatie totaal anders beoordeelden dan alfa's wisten we al. Maar als mijn conclusie klopt, zit het verschil dus niet in het gehanteerde denksysteem (1 of 2, respectievelijk snel en traag denken), maar in het anders geconditioneerd zijn van systeem 1. Bèta's voelen als het ware automatisch dat het verhaal niet klopt, omdat ze focussen op de (feitelijke) juistheid van verhalen.

Het voordeel van alfa's is natuurlijk dat die automatisch voelen, wat ze in een bepaalde sociale context het beste (sociaal gezien) kunnen zeggen.










 

donderdag 30 december 2021

Lang leve het fascisme! Pardon, lang leve de woede

 

We hebben een klimaatprobleem. Dat probleem proberen we vooral op te lossen door wilde plannen te spuien over wat we in de toekomst allemaal voor geweldigs gaan doen. We vertonen dus een systeem 1 reactie in een situatie die toch echt vraagt om grondig en diep nadenken met daarna effectieve actie. Een situatie dus die opgelost moet worden via systeem 2 denken. Niet babbelen, maar doelgericht, zakelijk denken.

We hebben een uitstervingsprobleem. De biologische soorten sterven uit in een tempo waar je misselijk van wordt, als je snapt wat het betekent. Helaas begrijpen de meeste mensen die eenvoudige mededeling niet langer. Ze denken via systeem 1 (babbelen) en hebben nooit geleerd te denken via systeem 2.

Dan hebben we ook nog een ongelijkheidsprobleem. In Nederland valt dat voor de inkomens nog wel mee, zegt men. Als krantenbezorger verdien ik ongeveer 2 euro en 20 cent  (en dan neem ik het ruim) met een kleine anderhalf uur werken. Voor het geld hoef ik het gelukkig niet te doen, maar voor sommige van mijn collega's ligt dat anders. Als je dan ziet dat een of ander talking head uit de zorg maandelijks 15.000 opstrijkt en voor dat geld kans ziet een niet functionerend IC-structuur op te zetten, dan lijken de verschillen me toch wel behoorlijk groot.

Maar in Nederland zit het echte verschil in de verdeling van het bezit. Een kleine kliek bezit heel veel, de grote massa bezit amper iets.

De basis van die ongelijkheidsproblemen is weer dat systeem 1 denken. Naarmate een samenleving ongelijker is, denkt men meer via systeem 1. Tot de samenleving/cultuur ten onder gaat.

Dan zitten onze handjes ook nog eens steeds losser aan het lichaam. Opnieuw een teken dat men via systeem 1 denkt en nooit heeft leren denken via systeem 2.

Loop eens door een bos of ander stuk natuur. Het duurt niet lang voordat je het eerste stuk zwerfafval ziet liggen. Opnieuw een teken van uitbundig denken via systeem 1 en een onderontwikkeld systeem 2.

Dus, als je al deze waarnemingen samenvoegt, is het misschien helemaal niet zo verwonderlijk, dat we in de NRC van 30 december 2021 een stuk van een of andere roeptoeter kunnen aantreffen met de titel:  Woede als onmisbare morele motor.*

De schrijver van het stuk is: vrouw, blond en knap (ik baseer me op de begeleidende foto). Ik denk niet dat we daaruit moeten afleiden dat alle knappe blonde vrouwen leeghoofden zijn, maar sommige -- in de betekenis van minstens één -- onmiskenbaar wel.

De diepe emoties van Adolf Hitler als het woord 'Jood' op tafel kwam, zullen algemeen bekend zijn. De nazi's omarmden emotionaliteit en zagen rationaliteit als hun grote vijand. Op die manier kwamen ze tot een volstrekt irrationele moord op 6 miljoen 'Joden', die ze voor hun krijgsbedrijf eigenlijk heel hard nodig hadden. Ga maar na: slim, hard werkend en moedig. Gelukkig scoorde Hitler op die eerste eigenschap niet al te hoog en was hij zo 'slim' dat gigantische 'Rusland' binnen te vallen. Het begin van het einde.

Is woede inderdaad een morele motor? Als ik eerlijk ben, weet ik niet precies wat er met dat laatste precies wordt bedoeld. Wat is een 'morele motor'? Iets dat je drijft om moreel te handelen? En wat is dan precies 'moreel handelen'?

De nazi's zagen het uitmoorden van 6 miljoen Joden als een gigantische bijdrage aan het welzijn van de wereld. In hun optiek werden alle problemen in de gehele wereld veroorzaakt door 'Joden'. Als je die factor dus kon elimineren, bleef er daarna een volmaakte wereld over.

Die manier van denken is niet gebaseerd op harde feiten. Het is niet de manier waarop een systeem 2 denker denkt. Het is allemaal geleuter. Het is allemaal vooroordeel. Het is allemaal geloof. Het is allemaal gevaarlijke onzin.

Maar doordat een belangrijke minderheid van de Duitsers Hitler blindelings geloofde, kon die ramp zich voltrekken. Strikt genomen was dat lang niet het enige dat mis ging. In totaal vielen er zo'n 65 miljoen slachtoffers en lag aan het einde van de oorlog Duitsland bijna volledig in puin. Dat is wat door emoties geleid systeem 1 denken kan opleveren. Onvoorstelbare ellende en rotzooi.

Wat is het argument van de schrijfster, filosoof en journalist Fleur Jongepier, voor de stelling dat woede zou fungeren als motor voor fatsoenlijk handelen? Ze beweert het, ze gelooft het, ze verkondigt het en ze beroept zich op literatuur.

Het lijkt dus onmiskenbaar dat we hier te maken hebben met een druk aan de weg timmerende volgeling/gelovige. Een zogenaamde double high, iemand die hoog scoort op rechts autoritarisme (RWA) en ook hoog op sociale dominantie (SDO). Mensen die niets liever doen dan vooroordelen de wereld in te pompen om op die manier zelf sociaal te scoren. De koppeling met fascisme die ik dacht te zien, is dus bepaald niet uit de lucht gegrepen.

Ze beroept zich op de autoriteit van een boek dat ze gelezen zou hebben. Het laatste betwijfel ik, want het is bekend dat volgelingen/gelovigen niet echt actief lezen. Ze pikken wat fragmenten die voor hun idee goed klinken en gaan die vervolgens zelf enthousiast rondbazuinen. Wat die fragmenten precies betekenen, weten ze niet en dat interesseert ze ook geen snars. Ze zijn volledig gericht op het sociale effect dat hun woorden opleveren.

Goed, welk boek en van wie? De titel is: The Case for Rage. De auteur is: Myisha Cherry. Zoeken op Amazon.nl levert op dat de volledige titel luidt: The Case for Rage: Why Anger Is Essential to Anti-Racist Struggle. De beschrijving op Amazon.nl begint met deze vetgedrukte zin: "When it comes to injustice, especially racial injustice, rage isn't just an acceptable response-it's crucial in order to fuel the fight for change."

Ik ken die opvatting. Anti-racisme activisten geloven dat de woede die ze voelen, de basis vormt van hun strijd voor een rechtvaardiger samenleving. Maar anti-racisme activisten zijn, zodra je je wat verdiept in hun denken, ook onmiskenbaar fascistisch. Dat bevestigt dus ook weer mijn eerdere punt.

Klopt dat idee? Iemand die ooit naast Maarten Luther King in het vliegtuig zat, zei tegen hem: Jullie zoeken het in strijd voor een rechtvaardiger wereld, maar jullie investeren niet in jezelf. Met andere woorden: strijd is kostbaar, zorg eerst dat jezelf een goede positie krijgt. Dat je kennis verzamelt, dat je spaart, dat je je ontwikkelt.

Joden zijn vermoedelijk de meest vervolgde etnisch-religieuze groep ter wereld. Maar ze zoeken het normaal niet in strijd, maar in kennis. Het zijn ook de mensen met in verhouding de meeste Nobelprijzen voor harde vakken. Wie wil overleven in een harde wereld, maakt zichzelf onmisbaar door zijn kennis en vakmanschap.

Op discriminatie/agressie kun je dus op twee verschillende manieren reageren. Via systeem 1 met diep gevoelde woede. En via systeem 2. Nog tijdens de Tweede Wereldoorlog betaalden de Amerikaanse Joden enkele wetenschappers om te zoeken naar de oorzaken van de Holocaust. Dat onderzoek vormt de basis van deze blog.

Wie via systeem 1 denkt, wil macht. Maar zodra men die macht heeft, begint alles opnieuw. Een zwarte machthebber is niet beter dan een blanke. Een Joodse machthebber is niet beter dan een niet-Jood. Macht corrumpeert en absolute macht corrumpeert volledig. 

Kortom, het idee dat diep gevoelde woede tot iets moois zou leiden, is onzin.

Wat zeggen de lezers op Amazon over dit boek van Myisha Cherry. Er blijkt slechts één iemand geweest te zijn, die een beoordeling heeft uitgebracht. Die mevrouw zei: "Loved this book. Powerful book. I couldn’t put it down." Met andere woorden: er is geen enkele evidentie dat ze het echt gelezen heeft. In ieder geval is er kennelijk niets, maar dan ook helemaal niets van blijven hangen.

Wanneer je op Amazon verder gaat zoeken naar Myisha Cherry vind je een boek: The Moral Psychology of Anger. Door hoeveel mensen gelezen/beoordeeld? Door één! Dit gaat dus over 'morele psychologie'. De grote naam op dat gebied is Haidt. Iemand waarvan ik eerder al liet zien, dat het een warhoofdig denker is met onmiskenbare fascistische trekken. En van origine afkomstig uit de antropologie. Een studierichting die op dit punt ook nog in een kwade reuk staat/stond.

Is dit zorgwekkend? Mensen die fascistische stukjes schrijven in de NRC? Oordeel zelf.

 

 

 

 

 


* Hier: https://www.nrc.nl/nieuws/2021/12/29/woede-als-onmisbare-morele-motor-a4073665





De film 'Don't look up!' niet begrijpen is een systeem 1 reactie

 

De film Don't look up! vertelt het verhaal van twee astronomen die een grote komeet ontdekken die op ramkoers met de Aarde ligt. Maar niemand wil hun verhaal horen. En wanneer ze tenslotte wel min of meer gehoor krijgen, komt men niet tot effectieve actie. Dat is in het kort het simpele verhaal van deze film.

Eigenlijk is het dus een rampenfilm. De Aarde wordt bedreigd en vervolgens gaat het vreselijk mis. Maar de meeste rampenfilms tonen de ramp. Deze film toont vooral wat er aan de ramp vooraf gaat. En dat is niet echt leuk en opwekkend.

Waarom vinden de twee astronomen niet of nauwelijks gehoor? Wel, mensen zijn druk. Mensen willen goed nieuws, geen vreselijk nieuws. Mensen staan kortom in de evaluatieve modus (systeem 1) en kunnen niet overschakelen naar de rationele overlevingsmodus (systeem 2).

Wat vinden mensen van de film? Hier wordt het interessant. Film-journalisten vinden de film vaak  niks.*  Maar een klimaatwetenschapper vindt de film geweldig: het is precies zoals het gaat als je een naderende ramp ontdekt (hier: https://www.theguardian.com/commentisfree/2021/dec/29/climate-scientist-dont-look-up-madness).

Wat vind ik van de film? Inderdaad, het is precies zoals het in werkelijkheid gaat. Mensen zijn volledig van lotje getikt, snappen volledig niet wat hun boven het hoofd hangt. Kortom: we leven in een bezeten wereld en natuurwetenschappers weten het, maar het publiek kennelijk niet.

Wat de film dus beschrijft, is die merkwaardige response. Men krijgt feitelijke informatie over een naderende ramp, maar reageert via systeem 1. Het is niet leuk, we willen een ander kanaal. Wij willen lol, geen gezeik! Men is druk aan het borrelen en heeft geen zin in de naderende prairiebrand. Men slaagt er niet in systeem 2 te activeren.

Waarom vinden filmjournalisten de film vaak niks? Ze zien de film als film. Ze willen de film dus als film beoordelen volgens hun criteria daarvoor. Ze missen dus volledig de strekking van de film. Ze zien het als een product dat 'mooi' zou moeten zijn, maar het niet is. Maar de strekking van de film is natuurlijk slechts te laten zien, hoe het in werkelijkheid gaat. Op dat punt is de film helaas akelig realistisch.

Het interessante punt hier is dus dat wat de film beschrijft (reageren via systeem 1 op feitelijke informatie die negatief geladen is in plaats van systeem 2) ook precies de reden is waarom filmjournalisten de film niet begrijpen. Ze hanteren systeem 1 in plaats van op te schakelen naar systeem 2. Er is amper een betere demonstratie denkbaar van het fenomeen dat de film beschrijft dan dit.




 

 

 

-----

* Hier: https://www.theguardian.com/film/2021/dec/08/dont-look-up-review-slapstick-apocalypse-according-to-dicaprio-and-lawrence

* Hier: https://www.theguardian.com/film/2021/dec/12/dont-look-up-review-leonardo-dicaprio-jennifer-lawrence-meryl-streep-cate-blanchett-mark-rylance

* Hier: https://www.theguardian.com/film/2021/dec/27/look-away-why-star-studded-comet-satire-dont-look-up-is-a-disaster

 






Schrijven over de overbodige dood van een wappie

 

Op de site van de Volkskrant kom ik (30/12/2021) het bericht tegen dat Robin Fransman, boegbeeld van Herstel-NL, aan corona is overleden. De Volkskrant schrijft: "Fransman was bewust ongevaccineerd – hij dacht dat hij tot de minder kwetsbaren behoorde." Tja, waarom ook niet. We zijn allemaal sterfelijk, maar iedere motorrijder gelooft dat de ongevalsstatistieken niet voor hem gelden.

Goed, Fransman dacht en het virus (of de harde Natuur) had lak aan die 'prachtige' gedachte. Tja, zo gaan die dingen. De Natuur is bikkelhard en trekt zich geen sikkepit aan van al onze prachtige gedachten. Het zou anders moeten zijn, maar de Schepper trok zich op dit punt niets van onze opvattingen aan.

Met andere woorden: Robin Fransman was een wappie. In dit geval: een virus-wappie. Wat is een 'wappie'? Wel, we hebben dat prachtige liedje en dat beschrijft het vrij aardig, denk ik. Maar laat ik het formeler omschrijven. Met een 'wappie' bedoel ik een volgeling/gelovige. Dus iemand die hoog scoort op rechts autoritarisme. De persoonlijkheid-eigenschap die we het liefst met de RWA-schaal (Right Wing Authoritarianism scale) meten.

Strikt genomen, weet ik niet zeker hoe Fransman op die schaal scoorde. Maar we weten veel over de mensen die wel hoog op die schaal scoorden. Dus op basis daarvan lijkt het plausibel dat Fransman dat ook deed.

Afgaande op de rest van het artikel in de VK scoorde hij ook hoog op die andere kwalijke eigenschap, sociale dominantie en was het dus vermoedelijk een 'dubbel high'. Maar die zijn ook 'autoritaristisch' (volgeling/gelovige) en daar gaat het me in dit geval om.

In het kader van corona heb je aan beide kanten wappies. Je hebt dus wappies die zeker weten, dat je je niet moet laten inenten. En je hebt wappies, die heel zeker weten, dat je je wel moet laten inenten. Daar zit het verschil dus niet. Het punt is dat ze dat denken, omdat het de heersende opvatting in hun sociale groep is. Hun leider beweert het. Of zij willen leider zijn en zeggen het zelf.

Deze wappie had pech. Hij volgde zijn heilige geloof en moest dat met de dood bekopen. Zulke dingen gebeuren nu eenmaal. Dat hoort bij het leven. Wappies zijn vaak vreselijk aardige mensen, maar tja ..., ze geloven de meest vreemdsoortige zaken.

Mijn vader zat tijdens de oorlog in een knokploeg en speelde daarin een bescheiden rol. Aan de andere kant had je natuurlijk ook kennissen en vrienden die enthousiaste NSB'ers waren. Mijn vader omschreef die mensen als: niets mis mee, vreselijk aardige mensen, maar met een kronkel in de kop. In hun hoofd ging er ergens iets mis, waardoor ze de werkelijkheid niet zagen, zoals die was. Dat is wel een aardige omschrijving van een wappie, denk ik.

Maar wat me in dit geval opvalt, is niet het vreemde denken van de wappies. Maar de manier waarop er over de dood van deze wappie wordt geschreven.

Iemand gaat volstrekt onnodig dood, omdat hij zichzelf verheven ziet boven zo'n stom virus. Ik zou zeggen: heel menselijk misschien, maar ook behoorlijk stom. Geen recept dat navolging verdient. Dat iemand idioot handelt is één ding, maar als schrijver zou je dat toch niet volledig met de mantel van de liefde moeten proberen te bedekken. Er zijn immers heel veel levenden over en het zou mooi zijn, als die niet dezelfde stommiteit zouden uithalen.

Wel, voor de Volkskrant is dat -- althans op die manier gesteld -- een brug te ver. Het verhaal ademt erg de sfeer van: geweldige man. Misschien: een geloofsgenoot? Of niet?

Maar ook de NRC besteedt aan het verscheiden van de man aandacht (hier: https://www.nrc.nl/nieuws/2021/12/29/robin-fransman-initiatiefnemer-van-herstel-nl-overleden-aan-covid-19-a4073516). En dat verhaal is zo mogelijk nog ingekleder.

Ik denk dat je de feiten moet respecteren en dat je als journalist je hoogdravende meningen maar even voor je moet houden. De feiten spreken een duidelijke taal. Dit voorbeeld verdient geen navolging!