maandag 9 februari 2026

Discriminatie is een geloofskwestie

 

Maar als mensen door de interactie met een AI-programma als Chat-GPT 'dingen' kunnen gaan geloven die geen enkele band met de realiteit hebben, dan verklaart dat misschien ook voor een groot deel het discriminatie-probleem. Immers het probleem dat we in het empirische discriminatie-onderzoek proberen op te lossen, is de vraag: waarom geloven de mensen de lariekoek van de strongman en worden ze daardoor zo enthousiast, dat ze die op het schild hijsen (dictator maken)?

In wezen gaat het om de vraag, waarom je een suspect figuur, dat grossiert in vooroordelen, gelooft. 

Het onderzoek dat we tot nu toe hebben, levert drie variabelen die op dit punt goed voorspellen.

1. Bevooroordeeldheid (prejudice, het omarmen van populaire vooroordelen);

2. Rechts autoritarisme (RWA, right wing authoritarianism, dolgraag lid van de machtige groep willen zijn);

3. Sociale dominantie oriëntatie (SDO, ten koste van alles een hoge positie in de machtige groep willen bereiken).

RWA en SDO voorspellen ieder een ander deel van de totale bevooroordeeldheid. Met andere woorden: ze zijn duidelijk gecorreleerd met bevooroordeeldheid maar niet of amper onderling. Je kunt zeggen: bevooroordeeldheid heeft twee verschillende wortels, die samen meer dan de helft van alle bevooroordeeldheid voorspellen.

Tegenover het onkritische meelullen met de strongman en de groep staat het feitelijke denken. Uitspraken toetsen aan de harde realiteit. Je niet van de kook laten brengen door sociaal gelul.

Het probleem met 'fascisten' wordt dan duidelijker. Ze lullen wel mee met de strongman en de groep, maar hebben vaak geen idee, hoe ze de juistheid van een uitspraak moeten vaststellen. Sterker nog: daar zijn ze vaak ook helemaal niet voor gemotiveerd.

De vermoedelijke uitzondering op deze regel zijn natuurlijk de 'men of action'. Mensen die laag scoren op RWA, maar hoog op SDO. Ze geloven niet in allerhande onzin, maar willen wel ten koste van wat dan ook, belangrijk worden. Ze spelen het sociale spel dus mee. Ze kwaken de vooroordelen enthousiast na, terwijl ze ondertussen weten, dat die feitelijk gezien niet kloppen.

Onderzoekers hebben het over bevooroordeeldheid. Negatieve attitudes ten opzichte van andere groepen. Maar je kunt ook zeggen: geloof. Men gelooft dat men zelf en de (leden van de) eigen groep goed zijn, maar alle andere groepen shit.

 

 

 

 

 

 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten