zaterdag 31 januari 2026

De draak bevechten?

 

In mijn mail krijg ik vandaag (31/1/2026) een stukje van Timothy Snyder, getiteld: Tolkien’s Dragons and Ours. Snyder is (of was) ergens hoogleraar geschiedenis en heeft een boek geschreven, of zelfs meerder boeken, over fascisme en hoe je dat moet bestrijden. Hij is ook als een van de eerste academici gevlucht voor het regiem van Trump naar het (nu nog) veilige Canada.

In het stukje gaat hij in op de visie van Tolkien ten opzichte van draken. In de verhalen van Tolkien (De Hobbit en Lord of the Rings) is de draak een angstaanjagend wezen, dat staat voor de wereld die je niet wilt. De held in het verhaal moet het dan niet hebben van zijn wapens en kracht, maar van zijn moed en gezelschap. Hij is net als anderen angstig tegenover dat enorme monster, maar begrijpt ook dat het monster zijn zwakke plekken heeft.

Het stukje van Snyder eindigt zo:

"The dragons were, for Tolkien, 'the final test of heroes.' It was not so much the strength and the sword that defines the hero, he said, but the courage and the comradeship. A hero sees a dragon for what it is, fearsome but fallible. A hero sees the dragon as the harbinger of one world, wants another, and steps forward."

De strekking is dat Snyder als fascisme-bestrijder de held van het verhaal is en ondanks zijn gebrek aan wapens en kracht toch de moed heeft, het monster tegemoet te treden en te bestrijden.

Als je het meer algemeen trekt: dat de mensen die fascisme proberen te bestrijden, helden zijn, die je moet vergelijken met de Hobbit. Wij durven die vreselijke monsters tegemoet te treden, omdat we begrijpen dat die ook hun zwakke plekken hebben.

Mijn oude tante, tante Aagje, zou gezegd hebben: 'Interessant! Wie zegt dat?' Inderdaad, het is de persoon die zichzelf benoemt en opgeworpen heeft tot facismebestrijder, die dat zegt. 

Die persoon kun je vergelijken met de mensaap die zichzelf groot en indrukwekkend maakt. Dat doet erg denken aan mensen als Trump. 'Ik ben de grootste, de beste, de moedigste, de intelligentste!'

Ik denk dat het idee van Tolkien heel 'mooi' is, maar niet klopt met de realiteit. Tolkien was een typische alfa en alfa's zien de wereld verdeeld in twee elkaar bestrijdende stelsels. Alfa's geloven dat het vooral gaat om motivatie, moed en kameraadschap.

Maar de werkelijkheid is belangrijk anders. De alfa's (double highs) en de bèta's (double lows) leven in dezelfde samenleving. Maar er is een belangrijk verschil. De alfa's hebben de macht en de bèta's moeten proberen te overleven, terwijl ze gehaat en vervolgd worden door de alfa's.

Er is dus niet een zeldzaam monster dat je als dappere eenling kunt proberen te bevechten samen met je schaarse reisgenoten. Het monster is overal om je heen en bestaat uit het grootste deel van de brave burgers die de macht door dik en dun steunen. Je bent niet in een positie om het monster dapper tegemoet te treden. Je zit in de positie dat je leven voortdurend in gevaar is.

Wat doe je dan? Lees Abel Herzberg. Lees Viktor Frankl. Je zet je ogen wijd open en je laat je geest overuren maken. Het is niet het monster bevechten, waar het om gaat, maar om alles te overleven. We schakelen (als empirische wetenschappers) niet over naar de vechtmodus, maar naar de overlevingsmodus.

Dat verklaart mischien ook waarom het empirische fascisme-onderzoek niet langer echt populair is. Mensen als Timothy Snyder publiceren veel, maar doen in doorsnee nooit serieus empirisch onderzoek. Vaak kunnen ze dat ook niet, weten ze niet goed, wat dat precies is. Ze staan in de kletsmodus, ze willen maatschappelijk scoren en hoger komen. Hun blik is daardoor op andere dingen gevestigd, dan op het observeren en begrijpen van de mensen in het fascistische systeem. Het begrijpen van de 'lethal union', de machtige groep. 

 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten