maandag 30 oktober 2023

Wat maakt 'Joden' zo gehaat? Irrationele gelovigen haten rationele denkers

 

Laatst bijgewerkt:  2-11-2023 om 0.39

 

Op een of andere manier zijn er erg veel mensen die vreselijk de pest hebben aan Joden. Althans dat lijkt de basis van antisemitisme te zijn. Ook veel Joden zelf geloven dat. Er is een of andere merkwaardige factor die maakt, dat veel mensen hen haten. Maar wat is die factor dan?

Ik denk dat het probleem in werkelijkheid wijder is. Antisemitisme kunnen we meten, zelfs al heel lang (sind de Tweede Wereldoorlog). Doordat we het kunnen meten, weten we dat het eigenlijk niet om antisemitisme gaat, maar om iets dat breder en algemener is.

In eerste instantie werd die bredere eigenschap omschreven als 'etnocentrisme': de afkeer van vreemde groepen en culturen en de voorliefde voor de mensen van de eigen groep. Eigenlijk is die omschrijving op basis van wat men indertijd mat, iets te breed. In werkelijkheid breidde men de vragenlijst uit tot (ik dacht) een drietal minderheidsgroepen.

In tweede instantie gooide men het weer over een andere boeg. Men mat de voorkeur voor politiek rechts (iets dat doorgaans beter lukt dan de voorkeur voor politiek links). Politiek rechts (de PEC-schaal) bleek in belangrijke mate hetzelfde te zijn als 'etnocentrisme', dat wil zeggen: die twee maten bleken hoog te correleren.

In derde instantie gooiden de aartsvaders van het onderzoek naar antisemitisme (de auteurs van The Authoritarian Personality, 1950) het weer over een totaal andere boeg. Dat was de beroemde/beruchte F-schaal bedoeld om 'fascisme' te meten. Men probeerde antisemitisme/fascisme te meten via de diepere kenmerken van de persoonlijkheid.

Wanneer je de moeite neemt de F-schaal te corrigeren voor haar onbetrouwbaarheid en tevens de PEC-schaal en de etnocentrismeschaal (zoals ik eerder gedaan heb) dan blijken alle drie maten vrijwel precies hetzelfde te meten. Het doel om antisemitisme te meten via drie verschillende methodes is gelukt! Een beter resultaat kun je als constructeur van een meetinstrument niet wensen. 

Maar doordat de onderzoekers die in dit geval dringend noodzakelijke correcties voor onbetrouwbaarheid vergaten door te voeren (hun instrumenten waren nogal onbetrouwbaar), bleven ze zelf onkundig van dit heuglijke resultaat. Soms loont het voor onderzoekers, de statistiek en psychometrie goed te beheersen.

Met de F-schaal bestonden ondertussen wel allerhande (meettechnische) problemen. De schaal was niet goed gebalanceerd (de positieve en negatieve antwoorden waren niet in evenwicht) en nog erger: de schaal was niet unidimensioneel. Er werd niet één factor gemeten, maar tegelijkertijd tenminste twee verschillende dimensies.

Wat betekent dit nu allemaal?

1. Het gaat niet om  iets als 'antisemitisme', maar om iets dat veel wijder is. Ook een begrip als 'etnocentrisme' is nog veel te beperkt. Ook  'politiek rechts' (of: 'politiek ecomisch conservatief') is nog te beperkt. Een beladen begrip als 'fascisme' is al helemaal misleidend en te beperkt.

Waar gaat het dan wel om? Het gaat om het instemmen met populaire vooroordelen en opvattingen. Het gaat om het geloof in populaire vooroordelen. Het gaat dus om: bevooroordeeldheid. Ander woord: het gaat om vooringenomenheid. Volledig in iets geloven, er zeker van zijn dat het zo is, zonder dat daar empirische evidentie voor bestaat. Eigenlijk gaat het dus, simpel gesteld: om irrationeel geloof. Je groep gelooft het, dus jij gelooft het ook.

Wanneer je gelooft dat een zware steen naar beneden zal vallen als je die los laat, is dat geen irrationeel geloof. Op basis van wat we tot nu toe hebben waargenomen, vallen hier op Aarde (en op andere planeten) voorwerpen met gewicht naar beneden. Dat is een rationeel geloof. Maar wanneer je na LSD-gebruik denkt te kunnen vliegen als een vogeltje, heb je een irrationeel geloof. Zodra je van het dak van de flat stapt, val je als een baksteen naar beneden. De harde natuur trekt zich van je mooie geloof niets aan.

Bevooroordeeldheid kunnen we betrouwbaar meten via vragenlijsten. Het gaat om irrationeel geloof dat in de groep van de respondenten gangbaar is

2. Maar het voorgaande betekent nog iets. We meten bevooroordeeldheid (en dus tegelijk ook antisemitisme) als een persoonseigenschap. Die eigenschap heeft dus niets, maar dan ook helemaal niets met Joden te maken. Als er geen Joden waren, zouden ze uitgevonden worden. Men zegt in dit verband wel: fascisten kunnen wel zonder God, maar niet zonder Satan. Fascisten (vooringenomen mensen) hebben een groep nodig, die ze verantwoordelijk kunnen stellen voor hun ellende en hun problemen.

Probeer je het probleem even voor te stellen. Je bent een overtuigde fascist. Je zou koning en keizer over de hele wereld moeten zijn, geloof je. Maar in werkelijkheid ben je niks. Hoe komt dat? Het antwoord is simpel. Dat komt door die verdomde X! Alle ellende in de wereld wordt veroorzaakt door de gemene en gevaarlijke X. Iedereen in je groep gelooft en weet dat. Maar wie nemen we dan als X? Wat is de ideale tegenstander voor mensen die denken vanuit vooroordelen?

We moeten ons dus eigenlijk verdiepen in de wereld van de fascist. Laten we een neutralere term gebruiken. We moeten ons verdiepen in de wereld van de irrationele gelovigen. Hoe ziet die wereld eruit?

Irrationele gelovigen (bevooroordeelde, vooringenomen mensen) zijn groepsmensen. De groep is de veilige haven waarbinnen ze bestaan. Buiten die veilige groep zouden ze zichzelf moeten redden en ten dode zijn opgeschreven. Ze zouden het zonder hun machtige groep niet redden en jammerlijk omkomen.

Dat betekent dat irrationeel gelovigen tenminste één en liefst twee eigenschappen moeten hebben: rechts autoritarisme (gemeten met de RWA-schaal) en/of sociale dominantie (gemeten met de SDO-schaal).

Rechts autoritarisme (RWA) meet de drive om lid te zijn van de machtige groep. Sociale dominantie (SDO) meet het geloof dat de ene groep superieur is aan alle andere groepen en dat sommige groepen volstrekt inferieur zijn. Maar dat geloof is ook een maat voor de drive om de top van de sociale piramide te bereiken.

Iemand die hoog scoort op beide variabelen wil dus koste wat het kost, lid zijn van de machtige groep en wil in die groep, koste wat het kost (men gaat zonodig over lijken), zo hoog mogelijk komen.

Stel nu, je bent niet alleen een geboren volgeling/gelovige, maar je wilt ook nog letterlijk alles doen om de top van je groep te bereiken. Je bezit beide kwalijke eigenschappen. Je bent een zogenaamde double-high. Welke mensen haat je dan het meest?

Dat zijn niet de gewone gelovigen, want die vormen je machtsbasis. Dat is je volgzame leger van slaafse soldaten. Dat zijn ook niet de mensen die niet echt geloven, maar wel ten koste van alles de top van de sociale piramide willen bereiken. Want dat zijn je onmisbare adjudanten, uitvoerders en generaals.

Dat zijn ook niet de andere double highs, zoals jijzelf bent. Want die vormen je inner circle. Dat zijn je naaste 'getrouwen' die loeren op hun kans om je beentje te lichten en zelf je plaats in te nemen.

Er blijft dus slechts één enkele groep over. Dat zijn de mensen die niet irrationeel geloven (die niet rechts autoritaristisch zijn) en die niet sociaal dominant zijn (die geen behoefte hebben de top van de sociale piramide te bereiken). Dat zijn de kille kikkers (de boeren, de bèta's) die op belangrijke momenten durven en kunnen uitroepen, dat de machtige keizer geen kleren aan heeft.

Dat zijn de mensen die buiten de machtige groep vallen, maar zonder wie de machtige groep niet kan bestaan. Dat zijn de mensen die de productie verzorgen waarmee de machtige groep zich voedt en de mensen die de problemen oplossen. Dat zijn mensen als de Jood Abel Herzberg. Dat zijn mensen die door hun historie altijd de rol van underdog hebben gespeeld. Dat zijn zakelijke denkers, die hard willen werken en zich niet van de kook laten brengen door wilde emoties.

Maar hoe herken je als top-fascist je aartsvijanden? Dat is simpel. Ze praten anders. Ze denken anders. Ze redeneren anders. Ze laten zich niet overtuigen door je domme gebral. Dat zijn de X die je moet bestrijden om aan de macht te blijven. Het is hun manier van praten en schrijven, die laat zien dat ze niet tot de machtige groep behoren.

En inderdaad: Joden waren in doorsnee altijd akelig goed in helder denken. In rationeel redeneren. In die volstrekt foute manier van praten en betogen. Wie twijfelt, mag kijken naar de Nobelprijzen voor harde vakken die Joden in de loop der jaren toegekend hebben gekregen.

Dat verklaart wat er in de ogen van de aarts-fascist zo fout is aan Joden. Maar in werkelijkheid zien de mensen die hoog scoren op de alfa-bètafactor (zoals ik bevooroordeeldheid vaak noem) niet slechts de Joden als aartsvijand. Alle niet-gelovigen moeten vernietigd worden, geloven ze. Want een gelovige kun je nog altijd bekeren, maar met een niet-gelovige valt niets te beginnen.

Ze bedoelen dus alle mensen die niet irrationeel geloven. Alle mensen die zich laten leiden door de harde feiten en niet door de heilige overtuiging van de groep. Alle mensen die rationeel denken koesteren als het hoogste goed.

Het idee dat alle Joden rationele denkers zouden zijn, is natuurlijk kul. Er zijn genoeg Joden die volstrekt het tegenovergestelde zijn. Maar irrationeel gelovigen houden van een simpel wereldbeeld. Dat Joden in doorsnee vermoedelijk net iets rationeler zijn dan de rest van de mensheid, is meer dan genoeg. Dus moeten alle X bestreden en weg! En liefst dood.

Maar in werkelijkheid is de haat van irrationele gelovigen belangrijk wijder dan alleen de haat ten opzichte van een bepaalde groep. Ze haten iedereen die anders denkt of anders zou kunnen denken. Ze haten iedereen, die hun onfeilbare geloof niet deelt. Ze haten iedereen die hun manier van denken niet deelt.

Dat maakt iedereen die op een andere manier denkt dan zij, tot een verrader en aartsvijand.









donderdag 25 mei 2023

What's in a name?

 

 Laatst bewerkt: om 23.40 op 1-10-2023

 

Alles is volgens het meisje perfect aan Romeo, alleen zijn achternaam deugt niet. Je ziet iemand helemaal zitten, maar hij is van de foute clan. Shakespeare vatte dat dilemma samen met zijn beroemde: 'What's in a name?'

Meer uitleg over dat citaat staat hier (https://nosweatshakespeare.com/quotes/soliloquies/whats-in-a-name/). Daar staat ook een video waarin de desbetreffende scene uit zijn stuk te zien is.

Het uitgebreidere citaat luidt:

'What’s in a name? That which we call a rose
By any other name would smell as sweet.'

Door iets anders te noemen, kun je de werkelijkheid niet veranderen. Als je een roos anders noemt, blijft die nog steeds net zo ruiken en er net zo uitzien. Met andere woorden: namen doen er niet toe.


Aan dat 'What's in a name?' moest ik denken bij het lezen van de column (op 24-05-2023) van Stevo Akkerman in Trouw met de titel: Neonazi's. Ik probeer de essentie weer te geven.

Poetin heeft duidelijk fascistische trekken, maar valt zijn buurland binnen met het verhaal dat hij de nazi's daar wil verdrijven. De 'nazi's' aldaar staan onder leiding van een Joodse president, die voortdurend lonkt naar de NATO en de EU. Erg aannemelijk is dat verhaal van Poetin dus niet.

Vervolgens vallen Russen die Poetin willen bestrijden vanuit Oekraïne Rusland binnen. Akkerman wijst erop dat die Rusland binnenvallende Russen ook behoorlijk fascistische ideeën koesteren.

Er dreigt dus een soort grote spraakverwarring te ontstaan.

Hij schrijft:

'Begripsmatig komen we zo wel in een duizelingwekkend spiegelpaleis terecht.'

In zijn opvatting zou het mooier zijn als Oekraïne niet zou samenwerken met fascistische Russische groeperingen.

 

Maar eigenlijk zien we niets bijzonders, vrees ik. Fascisten zijn alfa's en die denken en geloven in voortdurende strijd. Het is dus slechts een kwestie van tijd voordat fascisten elkaar gaan bestrijden en vermoorden. In nazi-Duitsland ging het niet anders.

In dit geval is het dus heel goed mogelijk dat fascistische bewegingen vanuit Oekraïne Rusland zijn binnengedrongen om Poetin het leven zuur te maken. De ene fascist bestrijdt de andere.

Een land in oorlog is doorgaans niet echt kieskeurig bij het zoeken van medestanders. In de Tweede Wereldoorlog omarmde Churchill maar wat graag de Russen. Niet omdat hij hun ideologie deelde, maar omdat ze op dat moment streden tegen Duitsland. In een oorlog moet je soms kwaad met kwaad bestrijden. Nood breekt wet. Als je wilt leven en als je vrij wilt zijn, zul je soms alles moeten grijpen, dat je te pakken kunt krijgen.

In termen van Shakespeare. De naam van de ideologie doet er niet toe. Waar het om gaat, is dat die Russen daadwerkelijk Poetin willen bevechten. Waarom ze dat precies doen, zal de Oekraïners (en ons) worst zijn.

Het idee van Akkerman dat je ook in dit geval niet behoort samen te werken met fascistische groepen, gaat dus volledig uit van ideologie en niet van de realiteit. Jullie zijn de foute club, daar willen we niet mee samenwerken! Maar als die foute club levert, wat je dringend nodig hebt, ben je mal als je daar niet gebruik van zou maken.

Hier zie je mooi, hoe geloof (politieke correctheid) en realisme totaal verschillende zaken zijn. Je ligt in het water. Een fascist gooit je een reddingsboei toe. Maar jij grijpt die niet, want het is een 'fascist' die het levensreddende voorwerp naar je toegooit.










Een rationeel handelende beer!

 

Laatst bijgewerkt: om 0.14 uur op 2-10-2023


De site van The Guardian gaf gisteren een verhaal (https://www.theguardian.com/lifeandstyle/2023/may/23/17-year-old-versus-600lb-grizzly-bear-i-was-going-to-die-alex-messenger-ordeal-wilderness) over een jongeman die samen met anderen per kano een trektocht maakte door de wilde gebieden van Canada. Hij beklimt 's avonds als ze kamp hebben gemaakt, de berg. Op de bergrug heeft hij een prachtig uitzicht.

Maar dan ziet hij opeens iets bruins. Een beer! En de beer ziet hem. Beren zijn grote beesten, die ook nog eens uiterst snel en lenig zijn. En ze zijn vaak behoorlijk slim.

De jongeman probeert zich langzaam te verwijderen, maar de beer voelt zich kennelijk bedreigd en valt aan. De jongeman wordt uiteindelijk neergemept en opengehaald en besluit dan zich zo goed mogelijk dood te houden.

De beer is daarmee kennelijk tevreden en verdwijnt. De jongeman kan met moeite zijn vrienden bereiken en moet per kano een ziekenhuis bereiken. Hij overleeft!

Het bijzondere van dit verhaal is echter de beer. De beer breekt zijn aanval af, nadat de dreiging verdwenen is. Hij gaat niet door met het oppeuzelen van het slachtoffer. Nee, het probleem was dat hij zich bedreigd voelde, die bedreiging ligt nu voor dood op de grond. Daarmee is het probleem opgelost.

Met andere woorden: de beer gedroeg zich rationeel! Hij ging niet emotioneel verder met bijten en openhalen. Kennelijk kunnen beren zich dus rationeel gedragen. Het is niet gesteld, dat ze dat altijd zullen doen. Maar soms doen ze dat dus wel.

Terwijl er van mensen ettelijke verhalen bekend zijn, dat ze het op de grond liggende slachtoffer nog even een trap na moesten geven of erger.

Terugdenkend aan die twee eerdere blogposten over onderwijs en als je het wat pesterig zou formuleren: de beer deed iets, wat heel veel mensen die bij het onderwijs betrokken zijn, kennelijk vaak niet kunnen. 







 

 

 

 

 

 

woensdag 24 mei 2023

Wat is er mis met ons onderwijs?

 

Laatst bijgewerkt: 25-5-2023 om 1:07

 

De vorige blogpost ging over een krantencolumn. Die krantencolumn handelde over de beroerde staat van het leesonderwijs.

Maar als je die krantencolumn scherp las, klopte er iets niet helemaal. Het leesonderwijs op de basisschool levert internationaal vergeleken, steeds slechtere resultaten op.

Hoe komt dat? Waar moet je beginnen zo'n complex probleem aan te pakken? De schrijfster van de column stelde voor te beginnen op de PABO's. Want daar worden de onderwijzers opgeleid. 

Maar als je vandaag begint met het veranderen van het onderwijs op de PABO's kon het nog wel eens heel lang duren, voordat dat echt doorwerkt naar het basisonderwijs. Als zo'n verandering al doorwerkt, wat helemaal niet zeker is. En je weet natuurlijk niet zeker of die verandering die je aanbrengt in het PABO-curriculum (gesteld dat je dat zou kunnen), inderdaad positief uitwerkt en niet negatief op het leesonderwijs op de basisschool.

Het is alsof er in Nederland te veel mensen longkanker krijgen en je dat probleem gaat oplossen door de opleiding van dokters te herzien.

De vraag die de column dus impliciet opwierp was: is er niet een snellere route om het probleem op te lossen?

De column noemde Engeland als lichtend voorbeeld. Een tijdje zoeken op internet leerde dat men daar eigenlijk slechts  één ding echt veranderd had. Men had een test van 40 woordjes (20 bestaande woordjes en 20 onzin-woordjes) nationaal ingevoerd en verplicht gesteld. Die test meet slechts één simpel iets: of de leerling verklankend kan lezen.  Als de leerling dat aan het einde van het eerste lesjaar nog niet kan, moet hij/zij dus worden bijgespijkerd.

Dat was de grote leesrevolutie in de UK. Een simpele verplichte test of de leerling aan het einde van het eerste lesjaar inderdaad verklankend kan lezen.

Maar in mijn voorgaande blogpost kun je nog iets lezen. Als ik met die informatie de krant benader, valt dat niet goed. Die informatie vindt men niet oké. Die informatie voelt niet goed. En dat probleem geldt niet alleen voor de krant, maar voor veel mensen die bij het onderwijs betrokken zijn. En voor taaldocenten geldt het in nog sterkere mate.

Men heeft een bepaalde instelling waardoor simpele oplossingen als het ware niet gezien worden. Van die simpele oplossingen weet men bij voorbaat: dat kan niet kloppen! Zo simpel kan het niet zijn! Het is een uitermate complex probleem! We willen daar nog heel graag heel lang over doorfilosoferen.

Of toegespitst op het lezen. Het leesprobleem valt niet op korte termijn op te lossen! Het leesprobleem vereist experts om een mogelijke oplossing aan te dragen!

Het is alsof je hoort: kom verdomme niet aan ons leesprobleem! Dat is van ons! Blijf er met je kladden vanaf! Dat is onze expertise! Dat is onze broodwinning! Dat laten we ons niet afpakken! Gore klootzak, sodermieter op!

Dit soort reacties van taaldocenten en aanverwanten op onderwijsproblemen is helaas standaard. Effectieve methodes worden nooit omarmd, maar altijd neergesabeld. (Wie op dit punt literatuur zoekt, kan het proefschrift van mijn vrouw en mij hierover raadplegen.) Aan de ene kant ontkent men voortdurend de harde feiten of negeert die. Aan de andere kant wordt men helemaal furieus zodra iemand een effectieve methode demonstreert. Dat kan niet kloppen! Dat mag niet kloppen!

Waardoor worden die negatieve reacties veroorzaakt? Taaldocenten zijn doorgaans alfa's. Als we dat begrip ruim interpreteren gaat het om vooral double highs, wat men of action en een schare gewone gelovigen.

Double highs zijn agressieve, bevooroordeelde mensen, die bekend staan als de gevaarlijkste mensen die er op Gods aardbodem rondlopen. Men of action kunnen scherp denken, maar willen alles doen om sociaal hoger op te komen. De gewone gelovigen geloven bij voorbaat wat hen van hogerhand verteld wordt.

Wat er dus mis is met ons onderwijs, is dat de mensen die daar bij doorgaans betrokken zijn, te hoog scoren op de alfa-bètafactor. Het gaat om een geloofsgemeenschap, mensen die gefocust zijn op status en macht en zich van de harde werkelijkheid niets aantrekken.

Dat is natuurlijk een probleem dat niet alleen geldt voor het Nederlandse onderwijs, maar voor vrijwel alle onderwijs. Men focust niet op de harde realiteit, maar vlucht in de aangename sociale werkelijkheid van het gezamenlijke geloof.


 

 

 

 

 

 

 

 






Falend leesonderwijs

 

Het gaat niet goed met het Nederlandse leesonderwijs. Het gaat zelfs steeds slechter. In de Volkskrant van 23 mei 2023 besteedde Aleid Truijens een column aan dat probleem (https://www.volkskrant.nl/columns-opinie/de-leesramp-waar-in-godsnaam-te-beginnen-toch-maar-bij-de-pabo-s~b811a4d5/). De titel van haar column was: De leesramp: waar in godsnaam te beginnen? Toch maar bij de pabo’s.

 

Naar aanleiding van die column stuurde ik de Volkskrant de volgende reactie.

De leesramp: waar moet je beginnen?

Het gaat niet goed met het Nederlandse leesonderwijs. Het gaat zelfs steeds slechter. Maar waar moet je beginnen? Mevrouw Aleid Truijens stelt die vraag in de VK van dinsdag (23/5) en ze geeft ook antwoord. Ze wil beginnen bij de PABO's, want daar worden de onderwijzers opgeleid. Daar begint het allemaal.
 
Als je huis een rotzooi is, kun je natuurlijk beginnen bij de opleiding voor huishoudelijke hulpen. Maar of dat inderdaad heel snel vruchten afwerpt, betwijfel ik toch een beetje.
 
De column vanTruijens bevat echter -- voor de schaarse lezers die nog wel goed kunnen lezen --  een belangrijke hint. ''Kijk naar Engeland". Een land dat opeens is gaan behoren tot de top op leesgebied.

Wat hebben ze in de UK precies anders gedaan? Dat blijkt een heel klein dingetje te zijn. Aan het einde van het eerste leerjaar worden alle kinderen getest met 40 woordjes. Echte woordjes en onzin woordjes. Die test meet iets heel simpels. Of ze daadwerkelijk verklankend kunnen lezen. Als ze dat niet kunnen, krijgen ze niet op hun kop, maar worden ze bijgespijkerd. Precies wat wij hier vroeger ook deden.
 
Heel soms is het verstandig om te zorgen dat eerst de basis in orde is. Bij het kind dus.
 
En de leerkracht dan? Wel, met wat hulp en ondersteuning wil die ook wel.

 

Maar deze feitelijke informatie over een simpele oplossing van het leesprobleem viel bij de opinie-redacteur van de Volkskrant niet in goede aarde. Iets dat mij niet echt verbaasde. Maar dat is misschien meer iets voor een volgende blogpost.

 

 

 

 

 






 

maandag 15 mei 2023

Verspreiders van het zelfmoord-virus

 

Op NOS.nl lees ik een bericht over een vriendengroep, die iets wil doen tegen zelfdoding door jongeren (https://nos.nl/artikel/2474763-vriendengroep-verliest-twee-leden-door-zelfdoding-genoeg-is-genoeg). 

De aanleiding voor de club om in actie te komen is het verlies door zelfmoord van 2 van de 7 leden. Er zijn er dus nu nog 5 over.

Dat doet me denken aan dat boek van Agatha Christie met die foute titel. Eerst waren er tien. Toen nog negen. Daarna nog acht. En zo gaat het door. Laten we hopen dat dat in dit geval niet gebeurt.

Toch zijn de voortekenen niet gunstig. Het is al heel lang bekend dat zelfmoord besmettelijk is. Als ergens één zelfmoord plaatsvindt, volgen er vaak meer. 

Verder is bekend dat zelfmoord een soort modeverschijnsel lijkt te kunnen zijn. Eén iemand begint er mee, dat verhaal doet de ronde en prompt komt een andere simpele ziel op het geniale idee ook zoiets te proberen.

Dan is er nog iets bekend over zelfmoord. In bepaalde culturen komt het niet voor, in andere culturen komt het juist heel veel voor.

Bij bepaalde jagers/verzamelaars kwam het niet voor. Die vonden het idee dat je jezelf van het leven zou beroven, maar onbegrijpelijk. Het leven was al kort en gevaarlijk genoeg. Ze hadden niet het idee dat ze de dood een handje moesten helpen. Ze hadden meer het idee dat het de kunst was zo lang mogelijk in leven te blijven.

Kennelijk is het dus zo, dat als het leven in balans is (alle mensen beheersen het systeem-2-denken) mensen geen zelfmoord plegen. Het probleem ontstaat doordat mensen uitsluitend via systeem 1 denken. Ze denken met hun onderbuik in plaats van met hun verstand.

Als 'foute' man (transgender zou men nu vermoedelijk zeggen, maar camoufleer je dan het probleem niet?) denk je al jong na over zelfmoord en je doet dat vaak. Ik was op dat punt geen uitzondering.

Wat me op dit punt is opgevallen, is de manier van denken. Klassieke transgenders, zoals ik ze noemde, kwamen laat uit de kast en dachten dan, dat ze terecht zouden komen in een heerlijke, roze wereld. Dat was niet zo, maar dat feit weigerden ze hardnekkig onder ogen te zien.

Vaak waren ze niet in staat hun geloof over de prachtige wereld, die voor hen open zou gaan, op te geven. In werkelijkheid kwamen ze vaak terecht in een wereld vol problemen en vol agressie. Dat conflict tussen geloof en werkelijkheid duurde doorgaans een tijd. Daarna pleegden ze zelfmoord of ze bezweken onder de voortdurende stress. Een ander deel werd slachtoffer van de omringende agressie en werd vermoord.

Ik had het voordeel al jong uit de kast te zijn gekomen. Hoe het in de buitenwereld zou zijn, wist ik niet precies. Maar door schade en schande leerde ik dat het bepaald geen wandeling door het park zou worden.

Wat ik ook leerde, was dat transgenders uit de kast normaal niet erg oud worden. Klassieke transgenders hebben als doel optimaal te genieten. Maar ik realiseerde me, dat ik met die doelstelling niet erg oud zou worden.

Mijn eerste doel was daarom: zo lang mogelijk in leven te blijven. Mijn tweede doel was: zo lang mogelijk gezond te blijven. Mijn derde doel was: voldoende inkomsten te hebben.

Als ik het zo opschrijf, klinkt het simpel. Maar je groeit op met het idee dat je maximaal moet genieten van het leven. Dat is een aantrekkelijk idee, dat is een mooi idee. Dat prachtige idee moet je opeens volledig overboord gooien. Daar gaat het niet langer om.

Je bevindt je bij wijze van spreken in een gevaarlijk oerwoud. Achter iedere boom loert gevaar. Als je wilt blijven leven, zul je het gevaar eerder moeten localiseren, dan dat het gevaar jou localiseert. Je moet je brein voortdurend de omgeving laten aftasten. Je moet je manier van leven volledig omgooien. Het klinkt simpel, maar dat is het niet.

Later bleek ik een tweede voordeel te hebben. Ik ben een geboren probleemoplosser. Ik scoor extreem hoog op coping-vermogen. Niets is mooier dan het oplossen van een probleem. In confrontatie met een probleem kun je uitermate emotioneel reageren of je kunt je emoties proberen uit te stellen en te beheersen. Bij gevaar werd ik vaak ijzig koud.

Je kunt die eigenschap onder andere meten met neuroticisme (de schaal uit de ABV). Hoge scores hebben een slecht copingvermogen. Ik had het geluk minimaal te scoren.

Waarom pleegde ik geen zelfmoord? Het enige dat ik echt had, was mijn leven en gezondheid. En dat heb je slechts tijdelijk. Dus daar moet je toch een beetje zuinig op zijn.

Een tweede reden was heel pragmatisch. Ik wilde mijn tegenstanders geen plezier doen. Ik wist of dacht te weten, dat ze dat prachtig zouden vinden.

Een derde reden was ook pragmatisch. Wat schoot ik er precies mee op? Helemaal niets.

Laten we nu terugkeren naar de resterende groep vrienden. Hoe zijn hun vooruitzichten? Niet goed, vrees ik. Laten we bij het begin beginnen.

1. Het gaat om een groep vrienden. Dat suggereert dat het uiterst sociale mensen zijn (in de zin van groepsmensen). Bepaald geen geboren probleemoplossers dus, eerder verwarde denkers.

2. Ze studeren in Leiden. Dat klinkt mij niet goed in de oren.

3. Wat studeren ze precies? Laten we hopen dat het geen alfa-richting is.

4. Het NOS-bericht vermeldt dan:

'"We wisten niet dat het niet goed met ze ging", zegt Zuidberg. "Aan de buitenkant zie je dat niet."'

Maar als iemand zelfmoord pleegt, hoeft dat niet automatisch te betekenen dat het niet goed met die persoon ging. De spreker springt dus in het wilde weg naar een ongefundeerde conclusie. Dat is geen goed voorteken.

5. Vervolgens lijden ze aan het waanidee dat praten over zelfmoord zou helpen. Ja, dat helpt inderdaad om de daad uit te voeren. Maar is dat echt de bedoeling? Ze zijn kennelijk niet vertrouwd met de moderne gedragsanalyse. Met andere woorden: ze hebben geen idee waar ze precies mee bezig zijn.

6. Dan vind ik de passage:

'"Tijdens een van de eerste vergaderingen voor de stichting, hadden we het eerst een uur over voetbal in plaats van over ons verdriet."'

Het eerste lijkt erop te wijzen, dat hun hoofden merkwaardig leeg zijn en het tweede wijst op een volstrekt foute instelling. Je moet juist niet de emotionele tour opgaan. Wie zijn emoties volgt, denkt via systeem 1. In geval van een probleem probeer je dan te vluchten. Zelfmoord lijkt dan een prima optie.

Wat je moet doen, is je systeem 2 ontwikkelen en versterken. Dus ophouden met babbelen en leuteren en problemen gaan oplossen, die harde feedback leveren.

Deze vriendengroep, althans wat er nog van over is, zit vol goede bedoelingen. Maar de weg naar de hel is geplaveid met goede voornemens, zoals mijn moeder vaak opmerkte.

Ze hebben een stichting opgericht om zelfmoord te bestrijden. Ik moet denken aan die beroemde film van Polanski over vampiers. Op het einde rijdt de succesvolle vampierbestrijder weg in een arrenslee, maar het lief dat hij gered heeft, blijkt al besmet te zijn. Hij ontloopt zijn noodlot niet. Zo werd hij zelf de grote verspreider van het kwaad in Europa.

Als het restant van deze club op de ingeslagen weg voortgaat, worden ze verspreiders van het zelfmoordvirus. Een georganiseerde club van mensen die als doel heeft zelfmoord te bestrijden, maar in werkelijkheid het virus verder verspreidt.



















zondag 14 mei 2023

Alfa's zijn het oneens over God en de Bijbel, bèta's niet

 

Laatst aangepast: 15-5/2023 om 1:06

 

In de vorige blogpost ging het over de column van Bert Keizer in Trouw van 12 mei 2023 getiteld: Geloof ik begrijp het nog steeds niet. 

In zijn column vraagt hij aandacht voor Heino Falcke. Aan de ene kant astronoom, aan de andere kant lekenprediker.

Keizer vraagt zich af, hoe het kan dat Falcke door de astronomie een steeds groter geloof krijgt in Giod, de Schepper. Bij Keizer wekken de resultaten van die astronomie naast verwondering, vooral angst. Ze kijken naar hetzelfde, maar  komen als het ware tot tegenovergestelde conclusies. Hij vraagt zich af: kijkt de een met de ziel en de ander met het verstand?

Eigenlijk vraagt hij zich af: kijkt Falcke met zijn ziel en ik met mijn verstand? Dat lijkt hem van niet.

Inderdaad, dat lijkt mij ook van niet. Het is precies omgekeerd. Keizer kijkt met zijn ziel en Falcke is een soort handige duizendpoot. Als het over astronomie gaat, kijkt die met zijn rationele verstand. In het geval van astronomie definieert hij God als de Schepper.

Met betrekking tot God en de Bijbel heb je onder volgelingen/gelovigen (bevooroordeelde geesten, 'alfa's') twee tegenstrijdige opvattingen. In de ene opvatting is de Bijbel een heilig boek en God een persoon. In de andere opvatting is de Bijbel een gewoon boek en bestaat God niet. De ene groep zegt de Bijbel te omarmen als Gods Woord (maar doet dat ondertussen niet echt). De andere groep zegt dat de Bijbel een historisch boek is en dat God niet bestaat.

Je zou dan misschien verwachten, dat je een dergelijke tweedeling ook bij de 'bèta's' (de onbevooroordeelde geesten) zou moeten kunnen aantreffen. Maar voor bèta's speelt het probleem niet. Want in de bèta-cultuur geldt: de feiten zijn heilig, de feiten zijn God, de waarnemingen hebben het laatste woord. De God van de bèta's spreekt via de harde Natuur.

Hoe zit het dan met duizendpoot Falcke? Als je 'God' in de ene groep definieert als de Schepper, maar in de andere groep als de persoon Jezus, dan laat je je oordeel afhangen van de groep. Met andere woorden, Falcke volgt de sociale norm van de groep waar hij op dat moment in zit en is daarmee in feite een 'alfa' (bevooroordeelde geest). Iemand die zijn woorden zo kiest, dat ze sociaal de meeste impact hebben.

Dat is, wat ik zou verwachten. Maar bevestigen de waarnemingen ook mijn verwachting? Hoe scoort Falcke op bevooroordeeldheid? Of hangt die score volledig af van de situatie, waar hij zich op dat moment in bevindt? Ik zou verwachten, dat je het laatste niet bij voorbaat kunt uitsluiten.

Dat Keizer geloof niet begrijpt, is dan -- uitgaande van die bevooroordeelde geest -- niet zo vreemd. Bevooroordeelde mensen snappen op feitelijk gebied zelden echt iets. Ze babbelen vooral sociaal uitermate handig.

Falcke ziet als ledenprediker duidelijk het gebod dat we ons volgens de Bijbel geen voorstelling op enigerlei wijze van God moeten maken. Uitgaande van de Tien Geboden mogen we GOD dus niet vermenselijken. Het idee van een persoonlijke God wordt daarmee volledig geblokkeerd, zou je denken. Maar bij Falcke (en andere volgelingen/gelovigen) dus alleen als het zo uitkomt.

Dan is er nog een punt. Volgens het eerste gebod ('Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben') van de Tien Geboden is er één God en niet twee. Maar als je voor 'GOD' twee verschillende definities hanteert, trek je je daar weinig van aan.

Het merkwaardige is dus dat de God van de bèta's (de harde feiten, de waarneembare Natuur) perfect lijkt te passen bij het idee dat de oude Joden hadden van God. Het kan ook geen toeval zijn dat Joden verhoudingsgewijs veruit de meeste Nobelprijzen in de exacte wetenschappen hebben gekregen. Mogelijk helpt hun culturele bagage op dit punt een handje mee.