M. is dictator, maar M. is ook 'links'. Dictators zijn natuurlijk fout, maar mensen die links zijn, zijn natuurlijk goed. Conclusie? M. is een 'goede' dictator.
De mevrouw die deze redenering hoort, reageert woedend. Veel van haar vrienden en vriendinnen zijn dankzij de mensen van M. verhuisd naar de eeuwige jachtvelden, vermoord dus, doorgaans uiteraard na eerst langdurig te zijn gemarteld.
Maar er zijn dus ook mensen, die echt zo denken. Ja, er gaat wel eens wat mis, maar in feite bedoelt M. het toch goed. Waarom denkt deze mijnheer dat? Omdat M. 'links' is en dan zit hij dus in het goede kamp.
Bestaan deze mensen echt? Mensen die zo krom denken?
Denk even terug aan Adolf Hitler. Zijn partij heette de NSDAP of voluit de Nationalsozialistische Deutsche Arbeiterpartei. Ze waren er voor het hele land, ze waren socialistisch, ze waren democratisch en ze bestonden uit en waren er voor de noeste werkers. Afgaande op al die termen moest Hitler wel bijna een soort Jezus in het kwadraat zijn. Helaas bleek het een wolf in schaapskleding te zijn.
Of denk even aan Trump. Hij zou vrede brengen, hij bracht dood, oorlog en ellende. Maar zijn doel was nobel. Hij wilde slechts Amerika weer groot maken: Make America Great Again. Maar op dat moment was Amerika nog nooit klein geweest. Integendeel, op dat moment was het op veel gebied het meest leidende land ter wereld.
Kennelijk bestaan er dus inderdaad genoeg mensen die geneigd zijn te denken, dat als iemand zichzelf 'goed' noemt, deze persoon ook 'goed' moet zijn. Of dat als iemand zichzelf 'links' noemt, die persoon dus ook 'links' moet zijn. Hij zegt het toch! Dus dan is het bewijs geleverd.
Je zou dit oppervlakkig denken kunnen noemen. Maar eigenlijk is het gewoon napraten van dat wat de prediker en de strongman je vertellen. Het is geen denken, maar napraten.
Denk aan de Heidelbergse Catechismus. De leer van de kerk wordt daarin behandeld aan de hand van 129 vragen waar tegelijk de antwoorden bij worden geleverd. De aspirant gelovige hoeft alleen nog maar de antwoorden uit zijn hoofd te leren en is daarna volledig geslaagd als gelovige. Een plaatsje in de Hemel is daarna verzekerd.
Maar de gelovige moet zich vooral niet druk maken over de betekenis van de antwoorden. Want die betekenis ontbreekt doorgaans volledig. Het zijn plechtige woorden, die verder tot niets verplichten.
Wat is de andere manier van denken? Die is heel simpel. Je hoeft alleen maar te vragen: klopt het? En daarna: hoe weet je dat dan zo zeker? Kun je het laten zien?
Kan ik laten zien dat M. (Maduro) misschien toch niet zo 'links' was als hij ons wilde laten geloven? De Economist schreeft dit over hem:
"FOR 12 years Nicolás Maduro terrorised Venezuela. He stole elections and, when people objected, his goons killed, raped or tortured them by suffocation with plastic bags. His comrades looted and mismanaged the economy so wantonly that GDP fell by 69%. A quarter of the population fled abroad. Both the economic collapse and the exodus have been worse than is typical during the bloodiest of civil wars.
Mr Maduro was also an international menace: colluding with drug gangs, threatening oil-rich Guyana and propping up Cuba’s communist tyranny with cheap fuel. He supported Hizbullah, helped Iran evade sanctions and gave Russia and China a foothold across the water from Florida. And then he was gone—snatched by US special forces on January 3rd."
Maar het punt waar het me hier om gaat, zijn niet de kwaliteiten van M. Het gaat me om het punt dat je kennelijk op twee totaal verschillende manieren woorden kunt produceren. Je kunt napraten en je kunt beschrijven. Je praat na, wat men je verteld heeft. Je beschrijft, wat je ziet en ...
Ja, nu wordt het even lastig. Je kunt ook beschrijven, wat je hoort. Wat iemand je vertelt. Maar als je dat doet op zo'n manier, dat duidelijk is wie en waar het tegen je gezegd werd, dan is er geen probleem. Dan is het weer een beschrijving. Pas als je het gedachtenloos gaat nakwekken, terwijl je gelooft dat het klopt, ga je de normale gelovige achterna.